In deze dagen van
sociale strijd krijg ik strijdbare taal in mijn mailbox. Een collega wil de
“desinformatie tegengaan” en “kracht brengen door kennis”. Het doet me denken
aan een oude socialistische brochure: Van Wetenskracht naar Strijdersmacht. Een
vriendin schrijft: “Wie van jullie heeft gestemd op een partij die een
indexsprong zou toelaten? Volgens mij niemand.” Dat doet me dan weer
denken aan de Amerikaanse filmcritica Pauline Kael (1919-2001). Die verwonderde
zich erover dat iemand als Nixon het tot president had gebracht. Ze kende
niemand die voor Nixon had gestemd, zei ze. Ik heb dat verhaal al vaak gelezen
en doorverteld. Maar nu viel me te binnen: zou Kael echt zo naïef geweest zijn?
Zo zag ze er niet uit. Op Wikipedia vinden we, zoals altijd, de ware toedracht.
Kael kende inderdaad maar één Nixon-stemmer persoonlijk, maar ze wist wel dat
ze bestonden. “Soms, als ik in een filmzaal ben, zei ze, kan ik ze voelen.” Dat is een nijdige zin,
erg onverdraagzaam, maar ook een mooie zin. Om zo te schrijven, moet je veel
afleren van wat je op school geleerd hebt. Die Amerikanen die op school essay
na essay en paper na paper schrijven, hebben van Kael moeten leren hoe je een
filmkritiek schrijft. Oorspronkelijk
geplaatst op 3 december 2014
Geen opmerkingen:
Een reactie posten