woensdag 31 december 2025

Notities bij film en tv

Ozark
     De televisieserie Ozark speelt zich af in de buurt van het Ozarks-meer in de Amerikaanse staat Missouri. Hoewel de naam Ozarktientallen keren in de serie wordt uitgesproken, blijf ik er de meeste moeite mee hebben. Ik wil altijd Orzak zeggen. Zoals bejaarden die Spaans leren ‘mujer’ uitspreken met een ‘j’ en leerlingen die Duits leren ‘länger’ uitspreken als ‘langer’.
      De serie heeft 44 afleveringen, en dat is te veel. Het sterkste punt van de serie zijn de vertolkingen van Jason Bateson en Laura Linney als Marty en Wendy Byrde, en na een twintigtal afleveringen heb je alle nuances van die vertolkingen al meerdere keren gezien. Een recensent zou kunnen aanhalen dat Marty en Wendy niet zo heel erg ‘evolueren’. Recensenten hebben graag dat personages evolueren. Maar u en ik, lezer, evolueren ook niet zo veel, dus kan ik het niet zo erg vinden dat Marty en Wendy blijven wie ze zijn. De hilbilly assistente van Marty evolueert wel, maar dat wordt zo geleidelijk over de afleveringen uitgesmeerd dat je het amper merkt. Ja, twintig afleveringen was wel het minimum voor de serie.
     Zowel Marty als Wendy zijn oplichters. Marty is een genie in het witwassen van drugsgeld, en Wendy is erg bedreven in politieke intriges. Het mooie is dat Wendy zichzelf en anderen wijsmaakt dat haar intriges haar uiteindelijk een machtspositie zullen bezorgen van waaruit ze ‘veel goeds’ zal kunnen realiseren voor de progressieve zaak. Ook mooi is hoe ze perfect alle mede- en tegenspelers kan inschatten en manipuleren – ‘she has good instincts’. Alleen als het op haar rebelse kinderen aankomt, wordt haar gedrag onhandig en zegt en doet ze altijd net wat ze niet moet doen.
     Het is altijd moeilijk om voor een serie met ambiguë hoofdpersonages een bevredigend einde te bedenken. Dat is geen kwestie van plot maar van toon. Die toon heeft Ozark goed getroffen. Mocht ik het einde verklappen, wie er allemaal dood is en wie niet, zou dat op u, lezer, overkomen als een ontgoocheling. Maar als je het ziet, valt het best mee.
     De serie levert ook een mooie quote op. Ruth, de hillbilly assistente, woont in een vervallen trailer, maar die is wel prachtig gelegen, vlakbij het meer. Ze droomt ervan om op die plaats een groot huis te laten bouwen. ‘Met een zwembad?’ vraagt haar neef. ‘Waarom zou ik een zwembad nodig hebben als het meer hier vlakbij ligt?’ vraagt Ruth. Waarop haar neef: ‘You don’t know the first thing of being rich.’

Once Upon a Time ... the robber barons
     In de klassieker Once Upon a Time in the West komt een typische robber baron voor die met misdaad en geweld een spoorwegproject uitvoert. Hij is op twee manieren rijk. Hij leeft in een decadent-luxueuze treinwagon en hij bezit de spoorweg. Dat eerste soort rijkdom wekt mijn weerzin op, want ik vergelijk die instinctief met de miserie van de mensen die aan de spoorweg werken. Maar die treinwagon is economisch irrelevant, het is maar een heel klein deeltje van zijn rijkdom.
      Het tweede soort rijkdom, die spoorweg, is economisch wel relevant en maakt bijna zijn hele bezit uit.  Maar soort rijkdom wekt mijn weerzin niet op, want ik heb eigenlijk liever dat zo’n robber baron de spoorweg bezit dan de staat. Uiteraard, in die tijd begingen de robber barons grote misdaden, en ze verdienden het om daarvoor opgehangen te worden, maar de leiders van de staat in die tijd begingen ook grote misdaden, ondere andere tegen de native Americans, en ze verdienden het ook opgehangen te worden, zeker als je het vanuit onze morele normen bekijkt.


For All Mankind: feminien en masculien
     Ik houd op mijn mobieltje een lijstje bij van de films en series die ik nog wil zien, gerangschikt per streamingdienst. Een van de series is For All Mankind, waarin gespeculeerd wordt over een universum dat lichtjes verschilt van het onze. In plaats van de Amerikanen zijn het de Russen die als eersten op de maan landen. Dat heeft grote gevolgen voor de wereldgeschiedenis.
      En nu lees ik toevallig een tweet van Charles Murray over die serie. Murray interesseert zich al langer voor ruimtevaart. Samen met zijn vrouw schreef hij het boek Apollo: Race to the Moon. En wat schrijft hij over de serie? 

Gisteravond was ik gekomen aan seizoen twee, derde aflevering, en ik ben halfweg gestopt uit verveling. In het midden van de nacht werd ik wakker, en ik begreep waarom: het is een chick flick. Ons Apollo-boek ging over mannelijke gevoelens. For All Mankind gaat over vrouwelijke gevoelens. Veel van wat aan de oppervlakte gelijkt op ver-woke-ing, is in de grond feminisering.’ 
Of anders gezegd: demasculinisering.
 

      Of anders gezegd: demasculinisering.
     Nu zijn we als het erop aankomt allemaal genderfluïde maar er zijn toch een aantal eigenschappen die meer bij mannen dan bij vrouwen voorkomen. Agressieve gewelddadigheid en harde rationaliteit bijvoorbeeld. Ik hoop dat een van die twee in een evenwichtige beschaving niet teloor gaat. 


De Foer over Breakdown 1975
   
     Omdat ik in vorige stukjes niet mals was over het Bardot-stuk van De Foer in De Standaard, wil ik graag vermelden dat ik het helemaal eens ben met zijn recensie van vandaag over Breakdown: 1975. In die documentaire wordt aan de hand van interviews en filmfragmenten een verband geschetst tussen de politiek, de algemene cultuur en de Hollywood-films rond 1975. Ik heb zelf bij het bekijken het meeste doorgespoeld, om slechts af en toe stil te staan bij een filmfragment. Voor de 90 minuten durende film had ik genoeg aan een kwartier kijktijd . Mijn vrouw vroeg of ik altijd zo naar films keek als ze niet thuis was. 


Hedda (Gabler)
     In de nieuwe verfilming van Hedda Gabler wordt Hedda gespeeld door een zwarte actrice, en is ze niet verliefd op een man maar op een vrouw. Ik zal zeker kijken, om te bewijzen dat ik ruimdenkend ben, en omdat een gecultiveerd mens in zijn leven toch minstens vier of vijf versies van dat stuk van Ibsen moet hebben gezien. Ik ken voorlopig alleen de versie met Glenda Jackson. Hopelijk valt de nieuwe film mee. Een paar jaar geleden zag ik Miss Julie met Colin Farrell en Jessica Chastain, acteurs die ik graag bezig zie, en toch heb ik mij erg verveeld. Misschien lag het aan de omstandigheden. Ik had toen een zware verkoudheid. Ik heb nu weer een zware verkoudheid. 


The Abandons en Yellowstone
      Werkelijk iedereen zegt dat de westernserie The Abandons slecht is. En omdat iedereen het zegt zal ik dan ook maar niét kijken, ondanks Gillian Anderson en Aisling Fraciosi (Cersei Lannister in Game of Thrones). Pim Raes (DS 30/12) schrijft dat de reeks ‘een feminien antwoord is op Yellowstone, een macho succesreeks die met elk nieuw seizoen aan kwaliteit verloor.’ Dat kwaliteitsverlies in Yellowstone heb ik niet opgemerkt. Het verwonderde mij zelfs dat de serie overeind bleef nadat de charismatische Kevin Kostner halverwege het laatste seizoen uit de reeks werd geschreven.

* Over Yellowstone schreef ik ook hierhier en hier.


Pluribus
     In de tv-serie Pluribus wordt de mensheid, op enkele individuen na, door een buitenaardse tussenkomst, verbonden tot één geheel*. Elke individuele kennis is gemeengoed geworden en als een iemand iets voelt, voelt ook iedere aardbewoner hetzelfde. Er is geen ‘ik’, ‘gij’ of ‘hij’ meer. Er is alleen nog een wereldziel. Tat Tvam Asi. Het Atman en het Brahman vallen samen.
     Dit leidt onmiddellijk tot een integraal communisme. Als er geen ‘ik’ en ‘gij’ meer is, vervalt ook het onderscheid tussen ‘mijn’ en ‘dijn’. Het oude bezwaar tegen het communisme (‘great theory, wrong species’) valt weg. De mensheid is de ‘right species’ geworden. En planning van de economie wordt kinderspel want alle informatie is overal gelijktijdig voorhanden. Ook Hayeks bezwaar valt dus weg.
     Tegelijk is de mensheid ook integraal libertarisch. Het non-agressie principe wordt de basis van alle menselijke verhoudingen. Waarom zou je agressief willen zijn tegen jezelf? En de nieuwe mensheid breidt het non-agressie principe ook uit tot de dieren- en plantenwereld, en tot de enkele individuen die niet getransformeerd zijn.
     De nieuwe mensheid is altijd rustig, altijd vriendelijk**, altijd efficiënt, altijd gelukkig. Voor iemand die de transformatie niet heeft doorgemaakt, zoals die enkele individuen in de serie en de kijkers naar de serie, werkt dat op de zenuwen. We wantrouwen al te vrolijke, al te brave, al te vriendelijke mensen. We geloven, vaak terecht, dat ze naïef en hypocriet zijn dan wel dat ze ons willen manipuleren. Of we geloven dat ze zelf gemanipuleerd zijn, zoals in Brave New World. Maar dat komt omdat we vanuit ónze realiteit redeneren. In de getransformeerde wereld is geen plaats voor naïeviteit, hypocrisie en manipulatie.
     Hoezeer de nieuwe Pluribus-mensheid mij ook op de zenuwen werkt, ik kan er niets tegenin brengen. Misschien vallen de maskers af in een volgende seizoen, maar voorlopig kan ik er niets op aanmerken. Ik probeer daarin onpartijdig te zijn. Ook in andere science-fiction verhalen sta ik niet per definitie aan de kant van de mensheid. Een universum zonder intelligentie is voor mij een moeilijke gedachte om te verdragen, maar die intelligentie moet niet per se menselijk zijn. Ik wil van de menselijke onvolkomenheden geen deugden maken. Brel zingt: ‘Toi, tu n’est pas le Bon Dieu, toi tu es beaucoup mieux, tu es un homme.’ Die pathos is mij vreemd.
     Eén ding vraag ik mij af. Is er in de perfecte collectivistische Pluribus-maatschappij plaats voor kunst? Of is die verbonden met ons individualisme, met onze onvolkomenheden en misschien zelfs met onze agressieve instincten. Het is een vraag die George opwerpt in Who’s Afraid of Virginia Woolf: 

I’m really very mistrustful. I read somewhere that science-fiction is really not fiction at all... That you people are rearranging my genes so that everyone will be like everyone else... I suspect we will not have much music, much painting, but we will have a civilization of sublime young men, very much like yourself. Cultures and races will vanish. The ants will take over the world... 

* Over sciencefiction gedachte-experimenten rond individualisme en collectivisme, zie ook mijn stukje hier.
** De nieuwe mensen zijn vooral vriendelijk tegenover de overgebleven, niet getransformeerde individuen. Onder elkaar lijken ze  onverschillig. Het spreekt vanzelf dat ze elkaar niets te vertellen hebben.

  

 

Geen opmerkingen:

Een reactie posten