vrijdag 13 november 2015

Kopen op krediet

John Joyce, vader van
     De vader van de Ierse schrijver James Joyce (1882-1941) had een drankprobleem en al zijn geld ging naar de kroeg. Vaak kon hij de huishuur niet betalen en dan werd het gezin het huis uit gezet. John Joyce, want zo heette hij, gooide het dan op een akkoordje met de huisbaas. Het gezin zou vrijwillig het huis verlaten, waardoor de huisbaas geen gerechtskosten hoefde te betalen. In ruil daarvoor moest hij – de huisbaas –  John Joyce een betalingsbewijs geven voor de niet betaalde huur. Met dat betalingsbewijs kon hij dan zijn kredietwaardigheid bewijzen aan een nieuwe huisbaas. Zó slim was John Joyce.
     Levensmiddelen was ook zoiets. Wie vandaag in Delhaize, Colruyt, Aldi of Albert Heijn levensmiddelen koopt, betaalt daarvoor contant of met de bankkaart –  twee kilogram vastkokende aardappelen: € 2.89, een half pond Brugse boter: € 2.05, enzovoort (Delhaizeprijzen). Het gezin Joyce kocht die waren op krediet bij verschillende kruideniers. En als je eenmaal schulden had bij een kruidenier, en af en toe iets afbetaalde, dan bleef die kruidenier krediet verstrekken in de hoop ooit alle schulden te incasseren.
     John Joyce heeft een keer, op dringende vraag van zijn dochter Mabel, aan een van die kruideniers al zijn schulden afbetaald. Onmiddellijk sloot de kruidenier de rekening van de Joyces voorgoed af. Toen heeft John een dure eed gezworen. Nooit nog zou hij aan een kruidenier al zijn schulden afbetalen. Kruideniers waren bloedzuigers. 


 

Oorspronkelijk geplaatst op 2 augustus 2015

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen