maandag 20 oktober 2025

Proportioneel kiessysteem

      Ik ben voorstander van vrije verkiezingen, waarbij een ontevreden volk, na enkele jaren, van regering kan veranderen zonder volksopstand. Maar de precieze modaliteiten van die verkiezing interesseren mij minder. Directe of getrapte verkiezingen, kleine of grote kiesdistricten, presidentiële of parlementaire regimes … Ik ga ervan uit dat elk systeem met zijn voor- en nadelen komt. 
     Mark Elchardus argumenteerde onlangs tegen winner takes all-systemen omdat zoiets tendeert naar tweepartijenstelsels. Maar wat nu juist verkeerd is aan de tweepartijenstelsels, is niet helemaal duidelijk. Ofwel gelijken de twee partijen teveel op elkaar, schrijft Elchardus, zoals in de VS van de jaren 70, ofwel gaan de partijen teveel van elkaar verschillen, zoals in de VS van nu. Maar in landen met meer partijen zijn die twee tegenstrijdige tendenties van uniformiteit en polarisatie ook waar te nemen, dus aan het tweepartijenstelsel zal het niet liggen.

                                                                               ***

          Maar als ik stukken lees over de ‘gerrymandering’ in de VS, moet ik mijn oude onverschilligheid laten varen. Het gaat om staten met Republikeinse meerderheden waarbij de kiesdistricten hertekend worden in hun voordeel. Een district waar veel Democratische kiezers wonen wordt in kleinere deeltjes opgesplitst en gevoegd bij districten waar ze verdrinken in een Republikeinse meerderheid. Het is een oude praktijk, beide partijen hebben het gedaan, en vaak zijn er technische redenen om kiesdistricten te hertekenen. Maar als een partij de autoritaire richting uitgaat, is hier een ruime marge voor manipulatie.
     Goed, die gerrymandering gebeurt op basis van volkstellingen, en in de VS is er veel binnenlandse en buitenlandse immigratie. Maar politiek getouwtrek is nooit ver weg. De Republikeinen hebben het recent gedaan in Texas, North Carolina en Missouri. En nu willen de Democraten hetzelfde doen in Californië. Ik citeer Steven De Foer (DS 4/11):

 Gouverneur Gavin Newsom vraagt in Proposition 50 de goedkeuring aan de kiezers om de onafhankelijke expertencommissie die in Californië de kiesdistricten uittekent tot in 2031 met vakantie te sturen. Voor enkele jaren wil hij dat het Democratische bestuur van de staat zélf een nieuwe kaart mag uittekenen … 43 van de 52 zetels van Californië in het Huis van Afgevaardigden gaan naar Democraten. Met gerrymandering denkt Newsom er daar 48 van te kunnen maken.

      Wat is het beste: een kaart uitgetekend door onafhankelijke experten of één die wordt uitgetekend door betrokken politici? Op het eerste gezicht zou ik denken dat onafhankelijke experten het best geschikt zijn om die klus te klaren. Maar die onafhankelijke experten hebben natuurlijk ook een politieke voorkeur. Dat zijn geen mensen die bij verkiezingen thuis blijven. De politici van de meerderheid zullen de expertologische kaarten dus nauwkeurig bekijken, en als ze zich benadeeld voelen – misschien terecht – kan niemand hen tegenhouden om de hertekening zelf in handen te nemen, desnoods, zoals in Californië, via een referendum. 
     Je zou voor een oplossing kunnen denken aan een paritaire commissie van Republikeinen en Democraten. Maar het beste lijkt mij toch een meer proportioneel kiesssysteem. In Californië behalen de Democraten een kleine 60 procent van de stemmen. Maar ze bezetten 83 procent van de zetels. Met de nieuwe gerrymandering zouden ze 92 procent van de zetels halen. Je kunt er mij moeilijk van overtuigen dat dat een redelijke regeling is.

                                                                                ***

     Ik ben te conservatief om op dit punt voor grote hervormingen te pleiten, maar ik heb in het licht van recente evoluties een voorkeur ontwikkeld voor kiesstelsels die garanties bieden tegen autoritaire tendensen: grote kiesdistricten, proportionele zetelverdeling, relatief lage kiesdrempels en … opkomstplicht. 
     Als ik vroeger de voor- en nadelen van de opkomstplicht overdacht, woog het nadeel van de verplichting altijd zwaarder door. Nu zie ik dat anders. Als iedereen móet gaan stemmen, kan men geen intimidatie gebruiken tegen groepen of individuen die daardoor niet zouden dúrven gaan stemmen. In een verder gepolariseerde samenleving zou dat een gevaar kunnen zijn. 




4 opmerkingen:

  1. Als je nu eens een even grondige analyse maakte van HLN de grootste krant van het land? Waarom blij je toch De Standaard lezen?

    BeantwoordenVerwijderen
  2. ‘Het blijkt dat ongeveer 90 procent van al het plastic dat de oceanen van de wereld bereikt, door slechts 10 rivieren wordt gespoeld: de Yangtze, de Indus, de Gele Rivier, de Hai-rivier, de Nijl, de Ganges, de Parelrivier, de Amoer, de Niger en de Mekong (in die volgorde). (EV: geen enkele stroom uit het Westen dus.)
    Ze lopen allemaal door gebieden waar veel mensen wonen - in sommige gevallen honderden miljoenen mensen. Maar wat belangrijker is, is dat deze gebieden niet over voldoende infrastructuur voor afvalinzameling of recycling beschikken. Er is ook weinig publiek besef dat plastic afval überhaupt een probleem is, dus veel afval wordt in de rivier gegooid en verdwijnt gemakkelijk stroomafwaarts.’
    https://www.dw.com/en/almost-all-plastic-in-the-ocean-comes-from-just-10-rivers/a-41581484

    BeantwoordenVerwijderen
    Reacties
    1. Ons land behoort bij de beste plastic-recycleerders. Ik heb wat cijfers opgezocht toen ik dit stukje schreef, en ik geloof dat bij ons minder dan 1 procent van het plastic materiaal in de natuur terechtkomt.

      Verwijderen