Ed Sheeran
Ik kan niet zeggen dat ik de carrière van Ed Sheeran op de voet gevolgd heb. Toen ik met pianolessen begon, wou ik graag Perfect leren spelen, maar ik vond toen geen geschikte partituur die ik aankon. Wat later leerde ik de artiest kennen in de charmante komedie Yesterday waar hij zichzelf speelt. Hij en Jack Malick worden uitgedaagd tot een wedstrijd om in tien minuten het beste lied te schrijven. Dat gebeurt in een fantasie-wereld waarin iedereen, behalve Jack, de liedjes van de Beatles vergeten is. Jack zingt The Long and Winding Road, waarop Sheeran ruiterlijk toegeeft dat hij daar niet tegenop kan. Hij geeft de strijd op.
En vorige week kreeg ik dankzij de klassieke en sociale media weer met Sheeran te maken. In zijn nieuwe tournee trad de Amerikaanse rapper Macklemore op in het voorprogramma en die had al een paar keer ‘Free Palestine’ vanop het podium geroepen. De concertorganisator had daarop Macklemore van de affiche geschrapt, waarop de begeleidingsband van Sheeran, uit solidariteit met de rapper, ook uit de tour stapte. Dat was een erg vervelende situatie. De fans hadden een ticket gekocht voor de whole shebang, mét Macklemore en mét de begeleidingsband.
Sheeran heeft dan op 15 september uitgebreid zijn versie van de feiten toegelicht om zich tegenover zijn publiek te verontschuldigen. Eerst legt hij uit dat niet hij, maar de concertorganisatoren het contract met Macklemore hebben opgezegd, niet om wat hij zei, maar om de manier waarop. Hij legt ook uit dat hij – tevergeefs – geprobeerd heeft te bemiddelen in het conflict, en – eveneens tevergeefs – met ‘activisten van beide kanten’ heeft gesproken. Maar de zanger wil er zich ook niet te gemakkelijk van afmaken. Tenslotte had ook hij de tournee kunnen afbreken uit solidariteit met de rapper. Hij heeft dat niet gedaan, en wel om deze reden:
Ik heb mijn persoonlijke standpunten over dit verwoestende conflict. Dat ik ervoor kies er niet publiekelijk over te spreken, betekent niet dat ik ze niet heb, en het betekent niet dat het me niet kan schelen … Er is een reden waarom ik mijn professionele platform niet voor politiek gebruik: mijn publiek bestaat uit jonge mensen, vaak kinderen, van alle achtergronden. Wie naar mijn shows komt, verwacht geen politiek forum. Ik respecteer Macklemore’s vastberadenheid om op te staan en uit te schreeuwen wat hij gelooft. Maar er is ruimte voor meerdere wegen naar hetzelfde doel: vrede. Ik kies ervoor mijn bekendheid en mijn platform te gebruiken als een plek van veiligheid en toevlucht, om diplomatie te bewaren en gesprekken open te houden, niet dicht te gooien. Als we alleen maar focussen op wie het hardst schreeuwt, verandert er nooit iets. Er zijn verschillende manieren om een voorvechter van verandering te zijn.
Tom Naegels (DS 19/9) heeft enige sympathie voor Sheeran. Ik heb op mijn beurt enige sympathie voor twee standpunten van Naegels. Hij vindt dat niet iedereen altijd een standpunt moet innemen over élk onrecht in de wereld. ‘Ook de geëngageerdste activisten, schrijft Naegels, kiezen één zaak, en zijn stil over alle andere.’ En het tweede standpunt dat ik goed kan pruimen is dat er ruimte moet zijn voor mensen die zich op elegante manier afzijdig houden. En hij citeert Metallica, Mariah Calley, Britney Spears en Marco Borsato, van wie niemand zich afvraagt waar zij nu precies in de Gaza-kwestie staan. ‘Dát is wat neutraliteit hoort te zijn. Geurloos, smaakloos, onopvallend.’
Minder eens ben ik het met zijn standpunt over de ‘verplichte neutraliteit’.
Een organisatie kan ook kiezen voor een gespierdere vorm van neutraliteit, waarbij ze zegt: jouw keuzes stralen af op ons, dus als je voor ons werkt, dan zwijg je over zaken die polariserend werken voor ons publiek. Dat was de keuze van het Oost-Vlaamse provinciebestuur, met betrekking tot de hoofddoek. Het was de keuze van het Eurosongfestival met betrekking tot Israël. Maar daarmee bots je op een ander probleem. Als je neutraliteit moet verplichten, dan is het geen neutraliteit meer. Dan wordt het het machtswoord van één partij. Neutraal zijn in Oost-Vlaanderen betekent: vinden wat de N-VA vindt. Neutraal bij Eurosong is: het Israëlische regime naar de mond praten. Zoals Ed Sheeran nu alleen neutraal kan zijn als hij kant kiest voor wie kant kiest voor Israël.
De drie voorbeelden die Naegels geeft overtuigen mij niet dat de ‘verplichte neutraliteit’ per se iets kwalijks is. De hoofddoeken op school is een kwestie sui generis. Hoofddoeken verbieden is niet helemaal neutraal, maar hoofddoeken toelaten is dat ook niet, een geen van de twee maatregelen houden in dat men kiest voor of tegen de islam. Je kunt heel goed de deelname van Israël – of van Rusland voor mijn part – aan het Eurosongfestival verdedigen zonder het eens te zijn met wat die landen uitspoken. En niemand verbiedt Macklemore om ‘Free Palestine’ te roepen, alleen niet in het voorprogramma van Ed Sheeran.
Maar Naegels heeft gelijk dat er een ‘neutraliteitsparadox’ bestaat al is die, wat mij betreft, schijnbaar. Aan de Gentse universiteit duikt een wat Naegels noemt een ‘vlaggenzwaaiende eugeneticus’ op. Als Petra De Sutter zich neutraal opstelt, krijgt ze van activisten het verwijt dat ze biologische racisten beschermt en dus niet neutraal is. Maar of dat zo is, moeten we niet van die activisten laten afhangen. Naegels en ik verschillen van mening over De Sutters neutraliteit, maar we zouden wel, los van dat concrete geschil, kunnen afspreken wat we onder neutraal verstaan, met criteria die zowel voor een vlaggenzwaaiende rassenrealist als voor een vlaggenzwaaiende Israël-hater.
Het is natuurlijk waar dat de neutraliteit veel organisaties voor een dilemma plaatst: de neutraliteit volhouden, of toch een standpunt innemen. Uiteindelijk heeft Ed Sheeran dan toch voor het laatste gekozen. Op zijn concert van 19 september gaf hij kort zijn mening over Israël en Palestina , die ik alweer sterk inkort:
Wat er in Israël en op het Nova Music Festival op 7 oktober is gebeurd, was afschuwelijk en kwam bovenop eeuwen van Joodse pijn. Wat er in Gaza gebeurt, is catastrofaal, onrechtvaardig en disproportioneel. Mijn hart is gebroken door de omvang van de verwoesting en het verlies van burgerslevens, van kinderlevens. En het systemische onrecht dat we op de Westelijke Jordaanoever zien ontvouwen, kan niet over het hoofd worden gezien.
Ik heb er geen moeite mee om te geloven dat dat ook Sheerans echte mening is: het is immers ook de mijne. En zijn nuances brengen mij op een ander punt. Naegels heeft net als ik een hekel aan de slogan: Silence in the face of injustice is complicity with the oppressor. Maar zijn redenen zijn niet helemaal dezelfde als de mijne. Hij schrijft:
Ook de geëngageerdste activisten kiezen één zaak, en zijn stil over alle andere. Dat kan ook niet anders. Je zou kierewiet worden en al je vrienden van je wegjagen als je je permanent zou opwinden over én de genocide in Soedan, én de oorlog in Oost-Congo, én de lakse bestraffing van seksueel geweld, én het gevaar van AI, én de opkomst van extreemrechts in Duitsland, én de vernietiging van Gaza, én de dictatuur in Wit-Rusland, én de milieueffecten van fracking, én de ontvoering van kinderen door Al-Shabaab, én het tot slaaf maken van mensen in scam-kampen in Cambodja, én de overbevolking in de Belgische gevangenissen ... Je afzijdig houden, ergens geen mening over hebben is de norm. Dat wil niet zeggen dat je het onrecht goedkeurt.
Dat zijn goede redenen. We willen niet kierewiet worden, al onze vrienden wegjagen en in een permanente staat van opwinding verkeren. Maar mijn bezwaar tegen activisten is niet dat ze alle problemen ter wereld, dan wel slechts één ervan willen behartigen. Mijn bezwaar is dat ze alle kwesties die ze onder handen krijgen meteen herleiden tot een vorm van onrecht waarvan de onderdrukker maar al te goed bekend is. In Vietnam waren het de Amerikanen, in Israël/Palestina zijn het de zionisten, en in Oekraïne zijn het de Russen. Dat is, wat mij betreft, een schema dat soms opgaat, en soms niet.
Francesca Albanese over Oekraïne
Toen drie Vlaamse universiteiten een eredoctoraat toekenden aan de pro-Palestijnse activiste Francesca Albanese was dat een mooie illustratie van de linksliberale tolerantie tegenover extreemlinks. Maar zoiets leidt tot een wankel bondgenootschap, want extreemlinks munt niet uit door dankbaarheid. Op de plechtigheid zelf beschuldigde Albanese de universiteiten van laksheid. En nu verschijnt ze blijkbaar op Russia Today, en legt ze verklaringen af als: ‘Ik ga akkoord met hen die vinden dat we geen wapens meer mogen leveren aan Oekraïne.’ Daarmee gaat ze in tegen de heel brede consensus van conservatieven en sociaal-liberalen om Oekraïne te steunen tot er een werkbaar compromis gevonden wordt.
Vrije meningsuiting met excuses
Zowat iedereen die de academische vrijheid van Cofnas heeft verdedigd, haast zich eraan toe te voegen dat hij diens meningen niet deelt. Dat kan overkomen als, een soort captatio benevolentiae tegenover een publiek dat die figuur hartsgrondig haat. Maar het schept wel klaarheid. Zelf verdedig ik wel eens de vrije meningsuiting van mensen als Van Langenhove, Hasan Piker of, welja, Cofnas, maar dan doe ik wel mijn best om aan te geven waar ik het wel, en waar ik het niet met die mensen eens ben. En als ik het nérgens met hen eens ben, probeer ik ook daarvoor enkele redenen op te geven.
De PVDA en Iran
Op het PVDA-feest Manifiesta was er ook plaats voor een grote boekenmarkt dat redelijk pluralistisch was opgezet. Je vond er algemeen-progressieve boeken naast meer orthodox-communistische boeken. Er was ook een stalletje van het Iraanse regime waar in eenvoudige druksels werd uitgelegd hoe het er aan toeging in het land van de ayatollah’s en de Republikeinse Garde.
Kijk, ik zal nooit zeggen dat de PVDA de ayatollahs ‘verdedigt’. Het zit ingewikkelder in elkaar. Ook zal ik de PVDA niet de ‘nuttige idioten’ van het regime noemen. Ik wil vulgaire polemiek als die van Karel Verhoeven vermijden*. Maar ik zou als Raoul Hedebouw toch niet graag voor de televisie uitleg moeten geven over dat pamflet over het Iraanse nucleaire programma dat op mijn feest werd uitgedeeld. Ik twijfel niet aan het talent van Raoul om er zich uit te praten, maar het zou toch een vervelend moment zijn.






