Het hoofddoekendebat
Over het ontslag van Hadija Amajoud kan ik kort zijn. Ik wens mijn medestanders in het hoofddoekendebat veel moed en succes toe, maar aan deze ronde zal ik niet deelnemen. Mijn eigen mening ken ik ondertussen en die zal niet veel meer veranderen: ik ben voor de eerstkomende 50 jaar tegen die hoofddoek op school. Daarna, als de islam zich inhoudelijk gemoderniseerd heeft, zal het mij niet zoveel meer kunnen schelen. Misschien ben ik dan al dood of heeft AI de mensheid uitgemoord.
Ondertussen lees ik hier en daar een nieuwe formulering of een nieuw argument. Een journaliste van De Standaard (15/9) stelt de vraag: ‘Maar misschien hoeft een leerkracht met een hoofddoek in een goed geïntegreerde samenleving geen discussiepunt te zijn?’ De mogelijke antwoorden op die vraag liggen wel erg voor de hand. Verder las ik een tekst van Kamel Daoud (Le Point, 9/9) die de traditie van de sluier onderscheidt van de heropleving ervan. Die heropleving, schrijft Daoud, was een een uiting van anti-Westers verzet of van een anti-Westerse ideologie, gepredikt door bijvoorbeeld een seculier als Frantz Fanon, en later overgeslagen naar Iran.
Een laatste vraag: kunnen we het hele debat niet ontdoen van al het drama dat errond gemaakt wordt? Dat is moeilijk. Een ‘pragmatische’ oplossing voor wat aan beide kanten als een symbolenstrijd wordt opgevat, is niet realistisch. Vroeg of laat moet zelfs iemand als ik erkennen dat symbolen ertoe doen.
De anti-AI advocatentruc
AI en datacenters lijken vandaag heel wat tegenstanders te kennen. Wat mij daarbij tegenvalt is dat die zo véél argumenten hebben. Ik hoorde op de radio een specialist die bang was dat AI zou leiden tot machines die de mensheid uitmoorden, tot banenverlies, tot intelligentieverlies, tot geopolitieke spanningen en tot superwinsten voor de techbro’s. Maar waarom zouden we ons zorgen maken over dat banenverlies en al de rest als toch uitgemoord worden. Dat is de oude advocatentruc. ‘AI zal de mensheid uitroeien. En in subsidiaire orde: als AI de mensheid niet zou uitroeien, quod non, dan zal ze zorgen banenverlies.’ Het is eigenlijk een soort vermomde kettle logic. Mijn cliënt heeft het slachtoffer niet doodgeschoten, edelachtbare, en bovendien handelde hij uit zelfverdediging. De moslims leveren een belangrijke culturele en economische bijdrage aan Europa en gelukkig zijn ze met veel minder dan extreem-rechts beweert.
Regulering van AI
Ook al is de kans dat AI de mensheid uitroeit klein, heel klein of heel heel klein, de mogelijke katastrofe is zo enorm dat iedereen akkoord kan gaan met het principe van regulering. Anderzijds is die regulering vanuit economisch standpunt een verderfelijk streven naar monopolie. De Standaard (15/9) haalt meerdere analisten aan die tot dezelfde conclusie komen, o.a. Aidan Gomez (ceo van het Canadese AI-bedrijf Cohere):
Gomez vreest dat die regels zo zullen worden geschreven dat de huidige koplopers hun voorsprong behouden, bijvoorbeeld door van iedereen veiligheidsmaatregelen te eisen die Anthropic en OpenAI al doorgevoerd hebben.
Maar, met alle terechte afkeer van monoplies, wat zou men eigenlijk kunnen inbrengen tegen veiligheidsmaatregelen die grote techbedrijven op eigen initiatief al genomen hebben?
En wat moeten we denken van de fameuze ‘pauze’ waar zowel AI-sceptici, AI-tegenstanders als AI-bedrijven voorstander van zijn? Ook dat wordt mooi uitgelegd in De Standaard, dit keer door Siddy Jobe, de technologie-expert van Econopolis.
Van minder snelle AI-innovaie kunnen Anthoropic en OpenAI volgens Jobe ook profiteren. Nu hebben ze te weinig tijd om hun modellen goed te rentabilseren, doordat ze snel worden ingehaald door nog betere modellen. Beide bedrijven hebben onlangs nieuwe krachtige modellen op de markt gebracht en willen naar de beurs. Het innovatietempo wat afremmen en meer nadruk op winst leggen, zou hen goed uitkomen.
Het zou voor de AI-bedrijven leuk zijn als ze een tijdje geen nieuwe peperdure chips moeten kopen en even verder kunnen met het materiaal dat ze al hebben. Dat zal dan weer minder goed zijn voor de winst van Nvida. In elk geval: die immense innovatie voltrekt zich niet in een economisch vacuüm. Ze is het werk van zakenlui, niet van idealisten die vrijblijvend met belastinginkomsten experimenteren.
A4 en Asimov
Wie de zaak politiek bekijkt, zal snel uitkomen op de vraag: wie moet de regulering opstellen? Mijn vraag is : hoe zou zo’n regulering er moeten uitzien. Sam Altman van Open AI is optimistisch: ‘Die regels kunnen zelfs op één A4-tje.’ Zou het? Sciencefictionschrijver Asimov had in 1942 zelfs geen kwart van een A4-tje nodig om zijn wetten van de robotica te formuleren:
- Een robot mag een mens geen schade toebrengen, of, door niets te doen, toestaan dat een mens schade lijdt.
- Een robot moet bevelen van mensen gehoorzamen, behalve wanneer dat in strijd komt met de eerste wet.
- Een robot moet zijn eigen bestaan beschermen, zolang dat niet in strijd komt met de eerste twee wetten.
Ik heb aan AI gevraagd of die drie wetten voldoende zijn om AI veilig te programmeren en zichzelf te laten programmeren. Het antwoord was heel wat langer dan een A4-tje, maar in één woord samengevat: nee.
De OESO-resultaten
De dalende OESO-resultaten kunnen niet aan één oorzaak worden toegeschreven. Twee citaten uit De Standaard (9/9) kunnen dat verduidelijken:
De grootste scoredaling vindt plaats bij de bevoordeelde studenten die minder goed presteren dan je zou verwachten gegeven hun thuissituatie. De gemiddelde kloof tussen de meest kansrijke en de meest kansarme jongeren … daalt in Vlaanderen met achttien punten.
En:
75 procent van de leerlingen uit het bso haalt het basisniveau voor lezen niet … Bij de vorige meting in 2022, haalde 65 procent van de leerlingen de lat niet. In 2003 was dat 34 procent.
Het laatste - van 34 procent naar 75 procent semi-analfabetisme in iets meer dan twintig jaar - dat moet worden toegeschreven aan het stijgende aantal Nederlandsonkundige migranten. Het eerste - de achteruitgang van de bevoordeelde leerlingen - schrijf ik toe aan de erfenis van pedagogisch egalitarisme en wellicht ook aan de opkomende digitale en visuele cultuur.
De salariswagen
Marc Reynebeau (DS 9/9) is voor de volle belasting van salariswagens. Ik eigenlijk ook, al zwijg ik daarover tot het einde van het jaar, wanneer mijn vrouw de hare zal moeten inleveren. Maar of Reynebeau het allemaal juist uitgerekend heeft, betwijfel ik.
De salariswagen kost de schatkist jaarlijks 5,2 miljard euro. Als de regering die fiscale anomalie afschaft, is ze al halfweg in haar opdracht om in de begroting 10 miljard euro te vinden.
Vandaag kun je zo’n zinnetje aan ChatGPT voorleggen en vragen wat er allemaal fout is aan de redenering. Het antwoord zal een sectie bevatten: ‘Mensen en bedrijven gaan na zo’n maatregel hun gedrag aanpassen.’
Waardoor die 5,2 miljard heel hypothetisch worden.
Het extreemrechtse AfD
Ik heb het vier of vijf keer gehoord op het VTM-Nieuws: met de verkiezingen in Saksen-Anhalt kan ‘voor het eerst sinds 1933 weer een extreemrechtse partij aan de macht komen.’ Ik heb mij daaraan geërgerd. De gelijkstelling tussen hedendaags extreemrechts en de nazi-partij is zeker op zijn plaats in een opiniestuk of een polemisch boek, maar niet op het Nieuws. Dat moet neutraler. Al te vaak hoor ik Stef Wauters besluiten met: ‘Zo is dat.’ of ‘Gelukkig maar.’





