Posts tonen met het label Carl Devos. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Carl Devos. Alle posts tonen

zaterdag 29 september 2018

Het visitekaartje van Groen

Noch Carl Devos, noch ikzelf, kunnen de uitslag van de verkiezingen met enige precisie voorspellen. Maar als je ons ná de verkiezingen vraagt waaróm de ene partij enkele procenten gewonnen of verloren heeft, dan zullen we daar wél op kunnen antwoorden. ’t Is redelijk eenvoudig. Elke partij heeft electoraal sterke en zwakke punten. Als een partij wint, leggen we dat uit door te wijzen op die sterke punten, als ze verliest brengen we de zwakke punten op tafel.
     Ik lees dat volgens een groots opgezette opiniepeiling de partij Groen mag vooruitkijken op een mooi resultaat. In een interview met Het Nieuwsblad leveren Bart De Wever en Wouter Van Besien commentaar bij die peiling. De journalisten stellen een vraag over de migratie. De Wever antwoordt: ‘Hoe meer het daarover gaat, hoe liever. We moeten flink doorfietsen om aan de bevolking daarover het vertrouwen te vragen.’ Van Besien antwoordt: ‘Dat is niet de grootste uitdaging. Deze verkiezingen gaan over gezonde lucht.’
     Ik geloof dat De Wever gelijk heeft met zijn migratie, maar Van Besien heeft dan weer met zijn gezonde lucht het beste visitekaartje in handen. Het probleem met die visitekaartjes is dat je er niet veel tekst op krijgt en dat je zelf niet helemaal bepaalt wat er op komt. Bij n-va en Vlaams Belang is dat ‘minder migratie’, bij de socialisten is het ‘hogere sociale uitkeringen’, bij de liberalen is het ‘minder belastingen’, bij cd&v zou ik het niet weten, en bij de groenen is het ‘gezonde lucht’.
     N-va, Vlaams Belang, de socialisten en de liberalen hebben dus iets waarover je kunt discussiëren. Er is voor en tegen. Je hebt twee kampen. Misschien geloof je dat verdere migratie uit moslimlanden moet stoppen om maatschappelijke onrust te vermijden, of – omgekeerd – vind je dat je arme drommels die op de vlucht zijn voor iets niet mag buitenhouden. Misschien ontvang je zelf een uitkering, of – omgekeerd – heb je tot nu vooral geld afgedragen om uitkeringen voor anderen te betalen. Misschien worden je belastingen automatisch van je loon afgehouden, en merk je niet eens dat je ze betaalt, of – omgekeerd – moet je elke drie maand een flinke som overschrijven van je eigen rekening naar die van de staat.
     Je kunt over al die zaken – migratie, sociale uitkeringen, belastingen – discussiëren tot je een ons weegt, maar de kwestie is dat niet iedereen van discussie houdt. Veel mensen maken weinig verschil tussen discussie en ruzie. Voor hen biedt de ‘gezonde lucht’ van Groen een uitweg. Daar is geen voor en tegen. Daar kun je niemand boos mee krijgen. Daar kun je geen ruzie over maken.
     In werkelijkheid is het natuurlijk veel ingewikkelder. Alle partijen – niet alleen Groen – ijveren voor gezonde lucht. De luchtvervuiling is de laatste vijftien jaar stevig gedaald* ook zonder groenen in de regering. Er moet in het beleid een zekere afweging worden gemaakt tussen materieel comfort, kostprijs en luchtkwaliteit. Groen verzet zich tegen kerncentrales die een van de beste garanties zijn voor betere lucht. Bovendien heeft de partij nog heel wat andere programmapunten dan gezonde lucht, als daar zijn: mild immigratiebeleid, multiculturaliteit, egalitair onderwijs en welvaartsspreiding door hogere belastingen. Over al die zaken kun je ook discussiëren tot je een ons weegt, of ruzie maken. Maar ze kunnen niet allemaal op een visitekaartje.
     En nu zie ik dat De Standaard Weekend, twee weken voor de verkiezingen, over de hele eerste pagina bloklettert: ‘Hoe gezond is de lucht in uw straat?’ Dat is een mooi cadeau en ik hoop dat Groen hier dankbaar voor is.

 
* Zie blz. 11-15 van het Jaarrapport Luchtkwaliteit in Vlaanderen 2017.

vrijdag 2 juni 2017

Foutje bij meerkeuze-examen

     Professor Carl Devos van Gent is een klein betwetertje, en dat ben ik ook. Dat komt dus goed uit. Nu is hem iets onaangenaams overkomen. Zijn studenten moesten een meerkeuze-examen afleggen en daarbij bleek achteraf dat het juiste antwoord op alle vragen ‘A’ was. Ik heb ook eens zo’n blunder begaan, al was het niet bij een examen maar bij een tussentijdse toets.
     Een meerkeuze-toets opstellen is een hele klus. Je begint met een vraag te verzinnen. Dan formuleer je een antwoord. Maar dan ben je er nog niet. Nu moet je nog drie afleiders verzinnen: antwoorden die er ook geloofwaardig uitzien, maar die toch fout zijn. Ik gebruik daarvoor de wildste associaties: de kinderen van Don Corleone, ouderwetse woorden uit de Max Havelaar, lukraak gekozen zinnen uit de  Tao Te Ching … Door die werkwijze staat het juiste antwoord bovenaan en de afleiders daaronder. Daarna begin je ongeduldig aan de tweede vraag. Je eindigt met een vragenlijst waar alle juiste antwoorden bovenaan staan. Daarom moet je achteraf bij elke vraag nog even de antwoorden door elkaar husselen. Ik doe dat door ze alfabetisch te ordenen (ik maak ook een tweede versie met omgekeerde alfabetische ordening, zodat spiekende leerlingen allemaal foute antwoorden kiezen). ’t Is een gemakkelijke oplossing, maar je mag het niet vergeten.
     Je begrijpt het probleem van de student als het wél vergeten wordt. De student vult de drie eerste vragen in: A – A – A. Dan nog een A. Dat is vreemd. En nog een. En nog een. Als de student heel knap is, en hij heeft heel goed gestudeerd, dan eindigt hij met 20 keer A. Maar als hij ook wat onzeker is van aanleg, dan schrikt hij zo erg van het resultaat dat hij nog snel enkele van die A’s verandert in B, C of D. Doet hij dat een keer te veel, dan zakt hij voor de toets of het examen.
     Professor Devos werd om uitleg gevraagd. ‘Een medewerker is vergeten de antwoorden door elkaar te husselen,’ zegt hij. ‘De man vindt het bijzonder erg.’ Goed, het was dus niet de schuld van de professor. Maar die arme medewerker voor de leeuwen gooien vind ik wat harteloos. Hier had een onpersoonlijke passief uitkomst kunnen brengen: ‘Bij het invoeren van de examens werd vergeten …’ Veel Amerikaanse presidenten gaven het voorbeeld. Serious mistakes were made,’ zei Ronald Reagan.
     Overigens vindt professor Devos het AAA-examen ook weer niet zo erg. Ja, sommige onzekere studenten hebben wat punten verloren door A’s te wijzigen. Maar dat werd goedgemaakt ‘omdat er ook studenten waren die het door hadden, en dus na een tijdje bij twijfel gewoon voor A kozen.’ De een zijn dood was de ander zijn brood, lijkt de professor te redeneren.*
     Ik ben het daar niet zo mee eens. Beeld je de volgende examenvraag in:
 
Wat is geen goede reden om een meerkeuze-examen met allemaal A-antwoorden valide te verklaren?

     A)     Omdat sommige studenten het na een tijdje door zullen hebben
     B)     Omdat de studenten allemaal dezelfde vragen krijgen
     C)      Omdat studenten die de leerstof goed kennen niet zullen twijfelen aan de
              antwoorden
     D)     Wie te voet gaat, komt geen buffel of tijger tegen.

 Volgens mij is antwoord ‘A’ alweer correct. En ‘D’ natuurlijk.

* Ook Kim Clemens van Het Nieuwsblad lijkt het probleem niet goed te begrijpen. ‘En wat als de resultaten achteraf opmerkelijk slecht blijken?’ vraagt de journalist zich af. Maar dat is helemaal niet het enige probleem. Het totale aantal geslaagden kan hetzelfde gebleven zijn, maar er is geen waarborg dat dezelfde studenten geslaagd zijn.