Posts tonen met het label Steven Van Gucht. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Steven Van Gucht. Alle posts tonen

vrijdag 14 januari 2022

Factcheck en nuances bij De Croo en Van Gucht

 

     Dat De Croo af en toe totaal verkeerde cijfers citeert als het over corona gaat, heb ik al een paar keer aangehaald*. Het eigenaardige is dat hij dat blijft doen. Hij leest natuurlijk mijn blog niet, maar is er dan niemand in zijn omgeving die hem op zijn blunders wijst? Is De Croo een soort Mao Zedong die door niemand wordt tegengesproken? En stuurt De Croo, zoals voornoemde Mao Zedong tijdens de Grote Sprong Voorwaarts, ingrijpende beslissingen aan zonder dat iemand hem de echte cijfers durft te geven waarop die beslissingen moeten voortbouwen? Ik was er niet gerust in.
     Ondertussen kan ik al wat beter slapen. In De Standaard stond een factcheck aangaande de De Croo zijn laatste enormiteit – een factcheck die de premier ongetwijfeld wél gelezen heeft. In De Morgen van 9 januari had hij gezegd: ‘Een gevaccineerde die besmet is [met omikron] heeft negen à tien keer minder kans om het virus over te dragen.’ Journalist Dries De Smet spreekt over die bewering, na een genuanceerde commentaar, het onverbiddelijke verdict uit: ‘Onwaar’. Niet ‘eerder onwaar’, maar ‘onwaar’. Hij wijst erop dat er geen Belgische cijfers bestaan, maar dat een Deense studie wijst dat die besmettingskans – in huiselijke kring – bij drie keer gevaccineerden, geboosterden dus, niet tien keer, maar twee keer minder is. Een heel verschil.
    Nu is het natuurlijk makkelijk om een politicus te factchecken. Ook leken zoals Dries De Smet en ikzelf kunnen dat. Maar hoe zit dat met uitspraken van experts? Mijn zoon-de-dokter zei onlangs dat een derde prik 60 tot 70 procent beschermt tegen omikronbesmetting. 60 tot 70 procent? Hij was onlangs op een feest geweest waarop een van de aanwezigen, ondanks een negatieve zelftest, achteraf met omikron besmet bleek. Maar alle andere aanwezigen waren drie keer geprikt, en niemand had een besmetting opgelopen. Oké, dacht ik: anecdotal evidence. En hoe weet men dat het een omikronbesmetting was?  En bovendien, als de zelftest negatief was, zal de besmette op dat ogenblik nog niet veel virus hebben geproduceerd. 
    Mijn-zoon-de-dokter-maar-geen-expert had, leerde ik achteraf uit de krant, zijn cijfers van iemand die wel een expert is: Van Gucht. Die had vorige week al gesproken van 60 tot 70 procent bescherming. ‘Wie drie dosissen gehad heeft, maakt tot drie keer minder kans om besmet te raken met omikron.’ Hoe weet Van Gucht dat? Ik neem aan dat hij de cijfers van de besmettingen neemt, dan het percentage van de geboosterden eruit haalt, en dan dat percentage vergelijkt met het percentage van niet-gevaccineerden. En die vergelijking levert een beschermingsgraad op van 60 tot 70 procent voor geboosterden. Volgens die berekening is de uitspraak van Van Gucht ongetwijfeld ‘waar’ – niet ‘eerder waar’, maar ‘waar’.
     Eigenlijk zou ik bij een factcheck een vijfde categorie willen toevoegen naast ‘waar’, ‘eerder waar’, ‘eerder onwaar’ en ‘onwaar’. Ik denk bijvoorbeeld aan een categorie ‘ongenuanceerd’, die geen veroordeling inhoudt, want je kunt niemand verwijten dat hij niet àltijd àlle nuances meegeeft. Maar het biedt de factchecker de mogelijkheid om die nuances dan zelf aan te brengen.
     Zo bekeken, lijkt de uitspraak van Van Gucht mij ‘ongenuanceerd’. Ten eerste geven de cijfers van Sciensano een momentopname. We hebben ondertussen geleerd dat de vaccinwerking geleidelijk aan afneemt. De beschermingsfactor zal binnen een maand niet meer dezelfde zijn als nu. Ten tweede beschikt Sciensano niet over de cijfers van de besmettingen, maar alleen over de cijfers van de positieve testen. Gezien de teststrategie mogen we aannemen dat de zwaardere gevallen in die cijfers oververtegenwoordigd zijn, en de asymptomatische gevallen– vaak bij geboosterden – ondervertegenwoordigd. Als dat klopt zijn er meer geboosterden besmet dan er opgenomen zijn in de cijfers waarmee Van Gucht zijn berekening heeft gemaakt. En ten derde houdt het Sciensano-cijfer geen rekening met de ongeziene besmettelijkheid van omikron. Het is logisch dat omikron in een eerste fase vooral circuleert onder de niet-gevaccineerden. Dat is voor het virus het laaghangende fruit. Maar als op termijn 50 procent van de bevolking besmet moet raken – en dat zijn de prognoses – dan zal het virus in een tweede fase zich moeten richten op de gevaccineerden en geboosterden. Op dat moment zal die beschermingsfactor van 60 tot 70 procent erg theoretisch worden.
    Daarmee zij niet gezegd dat Van Gucht ongenuanceerd communiceert. Ongeveer alles wat ik hierboven aanhaal, heb ik juist van hem geleerd. Maar als zijn procent zonder context in een krant wordt geciteerd, of als het zich als los cijfer in ons geheugen nestelt, is het dat wel. Je zou zelfs kunnen zeggen dat het onder geboosterden een ‘vals gevoel van veiligheid’ kan creëren. Maar misschien is dat in de gegeven omstandigheden beter dan een ‘vals gevoel van onveiligheid’.

 

Laatst nog hier

vrijdag 5 februari 2021

Dubbel mondkapje


      Ik geloof niet dat mondkapjes wondermiddelen zijn tegen virusverspreiding, maar ik zet er altijd braaf een op als ik inkopen doe. Ik beschouw het een beetje als mijn persoonlijk protest tegen de virologen die een een klein jaar geleden beweerden dat die kapjes niet hielpen, dat de WHO er niets in zag*, dat ze zelfs gevaarlijk waren, dat ze een vals gevoel van veiligheid gaven, dat ze jeuk konden veroorzaken, waardoor je met je besmette hand aan je ogen of neus zou krabben, en dat het veel belangrijker was je handen te wassen.*
     Nu waarschuwen de virologen niet meer tegen mondkapjes. De waarschuwing is nu tegen de speciale FFP2-kapjes. Die zijn te duur*, ze kunnen niet hergebruikt worden*,  de WHO ziet er niets in*, ze zijn oncomfortabel* en de meeste mensen zouden ze verkeerd dragen*, waardoor ze eigenlijk gevaarlijk zijn. Het is veel belangrijker om het gewone kapje goed te dragen*†.
     Nu weten we allemaal dat er een klein jaar geleden onvoldoende kapjes waren. Misschien is het nu weer zoiets, en zijn er op dit ogenblik te weinig FFP2-kapjes. Maar ik betwijfel of dat de hele verklaring is. Want nu keren onze virologen zich weer tegen het dubbele mondkapje, alhoewel Fauci het een goed idee vindt, en Joe Biden en Amanda Gorman zich ermee laten fotograferen. Je zou denken dat Joe en Amanda als lichtende voorbeelden volstaan, maar nee. Van Gucht zegt (hier) dat dubbele mondkapjes het ademen bemoeilijken*, meer condens geven*, en voor slechte verstaanbaarheid zorgen, waardoor de mensen dichter bij elkaar gaan staan om elkaar te begrijpen. Enfin, het komt hierop neer: die dubbele mondkapjes zijn eigenlijk gevaarlijk. Het is veel belangrijker dat we afstand houden*.
     Is dat nu weer omdat er onvoldoende kapjes zijn om iedere burger er twee boven elkaar te laten dragen? Ik denk het niet. Misschien hebben die gezondheidsmensen gewoon niet graag dat burgers iets doen dat hun niet eerst is opgelegd? Water drinken is goed, fruit en groenen zijn goed, stoppen met roken is goed, sporten is goed, mondkapjes zijn goed, maar toch vooral als de bevoegde instanties dat allemaal eerst hebben aangeraden of opgelegd. 

 

* Wie het begrip ‘non sequitur’ niet kent, kan de betekenis afleiden uit de hier met een asterisk voorbeelden. De mooiste vind ik: A is belangrijker dan B, dus B hoeft niet. Ik heb daar ooit een stukje over geschreven. (hier)

 Ik heb nog nooit iemand gezien met een verkeerd gedragen of slecht aansluitend FFP2-kapje. Je kúnt het zelfs niet onder de neus dragen, zoals een gewoon kapje. - Luc Van Braekel wijst mij erop dat de woordkeuze mondkapje in plaats van mondmasker slecht  is voor mijn Search Engine Optimization. Door de voorgaande zin is het probleem opgelost. U kunt voortaan in het zoekvak van Google typen: Philippe Clerick dubbel mondmasker en u komt zo op mijn stukje terecht, waar ter wereld u zich ook bevindt.

vrijdag 3 april 2020

Berekeningen op de achterkant van een postzegel

     Ik kijk nog altijd dagelijks naar statistieken en prognoses over corona, maar ik doe het minder en minder. De echt interessante curven en schalen die nieuwe informatie bevatten, zijn ondertussen zo ingewikkeld geworden dat het niet meer hoeft voor mij. Ik heb een idee van de ordegrootte en daar ben ik tevreden mee.
     Dat was allemaal anders een maand geleden, in de Tijd van de Onwetendheid. Toen waren nog maar weinig cijfers bekend, en die van de specialisten waren niet veel beter dan die van iemand anders. Van Gucht sprak op 3 maart nog van maximaal 700 slachtoffers in ons land. Hij vertelde er niet bij hoe hij aan dat getal kwam.
     Dat stoorde mij. De dag ervoor had dr. Philippe Devos in een profetisch stuk (hier) geschreven dat corona zonder de gepaste maatregelen 33 000, en met collateral damage, zelfs 50 000 slachtoffers kon maken.  Hij maakte die prognose door cijfers van bevolking, besmettingsgraad en mortaliteit met elkaar te vermenigvuldigen. Men verweet hem toen (hier) dat zijn berekeningen pasten op de achterkant van een postzegel.
      Ik voelde mij meteen aangesproken door dat soort postzegelberekeningen. 
     Twee weken later deed professor Goossens hetzelfde als wat Devos had gedaan, maar dan voor de televisie. Hij vermenigvuldigde snel enkele getallen met elkaar – inwoners, uiteindelijke besmettingsgraad, opname in ziekenhuis, mortaliteit op intensive care – en kwam uit op 75 000 slachtoffers, dat wil zeggen, als men het virus zijn gang liet gaan. Goossens maakte de berekening uit het hoofd, raakte in de war tussen 7 500 en 75 000, maar het resultaat kon ik achteraf zelf nog eens narekenen: het was 75 000.
     En nu komt het mooie: ondanks het postzegelkarakter van de berekening komt het cijfer van Goossens dicht in de buurt van de recente berekening die het Imperial College van Londen voor ons land maakte : 91 000 slachtoffers, dat wil zeggen, nogmaals, als men het virus zijn gang laat gaan.
     Maar we láten het virus zijn gang niet gaan. De vraag is dus: hoeveel wérkelijke slachtoffers kunnen we dan verwachten? De extrapolatie is al gemaakt. Met de huidige cijfers van besmettingen, hospitalisaties en Intensive Care-patiënten rekent men op 3000 doden eind april (hier).
     En na eind april? Dat weet niemand. Goossens zegt minstens 7 500, Van Ranst zegt hoogstens 7 500. Dat komt ongeveer op hetzelfde neer. Ook valt op dat die 7 500 ongeveer 10 procent bedraagt van het theoretische maximumgetal. En die 10 procent duikt ook op in de Amerikaanse prognoses die Trump en zijn adviseurs voorstelden op de persconferentie van deze week: 1 850 000 doden zonder ingrijpen en 170 000 met ingrijpen, dus ook weer ruwweg 10 procent.
    Maar waar die 10 procent vandaan komt, die berekening krijg je er weer niet bij. En ik begrijp dat. Een Bayesiaans buikgevoel* krijg je niet op de achterkant van een postzegel geperst. 
En voor een berekening à la Fermi** heb je al gauw de achterkant van een enveloppe nodig.


Thomas Bayes (1701-1761) stelde een formule op waarmee je kunt inschatten in hoeverre je resultaten van testen, cijfers en prognoses kunt vertrouwen. Je vergelijkt die resultaten met de algemene waarschijnlijkheid dat bepaalde gebeurtenissen zich voordoen. Die algemene waarschijnlijkheid kennen we vaak uit ervaring, die tot intuïtie uitgegroeid is.

** Enrico Fermi (1901-1954) had een talent om ingewikkelde problemen eerst op te lossen met een snelle berekening op basis van slechts enkele geschatte gegevens. De uitkomst van die berekeningen bleek achteraf in ordegrootte vaak overeen te komen met het resultaat van de ingewikkelde wetenschappelijke formules. Met dank aan Bert Cattoor voor de verwijzing.