Posts tonen met het label vrt. Alle posts tonen
Posts tonen met het label vrt. Alle posts tonen

zondag 13 oktober 2019

De 'kille' regering, de woonbonus en de jobbonus

     Tegen de nieuwe Vlaamse regering wordt aangevoerd dat ze ‘kil’ is. Je komt het woord overal tegen. Rzoska van Groen zegt bijvoorbeeld in de De Zondag: ‘Nieuwkomers moeten hogere drempels over … Werklozen moeten voortaan gemeenschapsdienst doen … De bouwmeester moet zich bezighouden met zijn kernopdracht … De regering wil spijbelen harder aanpakken … De VRT wordt in een [financieel] keurslijf gestopt. Ik vrees voor een kil en hardvochtig Vlaanderen.’
    Is dat wel een redelijke conclusie uit de opsomming die eraan voorafgaat? Het is alsof je zegt: mijn likdoorns doen pijn, onze kat heeft een muis gevangen, Rzoska is een sympathieke kerel, kortom: ik vrees voor een olielek in mijn auto.  Rzoska somt allemaal maatregelen op waar hij tegen en ik voor ben. Ben ik dan ook ‘kil’ en ‘hardvochtig’? Dat is wel een streng oordeel. En moet de warmte in ons land komen van de bouwmeester en van de VRT-directeuren? Ik heb hun foto’s eens bekeken.
     Rzoska heeft zich geloof ik laten meeslepen door het automatisme om van een kille regering te spreken ook als de context er zich niet goed toe leent. Maar als hij zijn best doet, kan hij wel betere voorbeelden vinden voor zijn stelling. Hij moet dan zwijgen over de gemeenschapsdienst, de bouwmeester en de VRT. In plaats daarvan moet hij de begroting afspeuren naar alle besparingen en besparinkjes. Want waar bespaard wordt is er altijd iemand die minder krijgt dan vroeger. Zo iemand voelt zich – heel begrijpelijk – in de kou gezet en zal in die barre toestand ontvankelijk zijn voor metaforen van een ‘kille’ regering. Als Rzoska even zoekt in de begrotingstabellen zal hij gemakkelijk veel van die maatregelen vinden.
     Bij die werkwijze zijn echter twee moeilijkheden. Ten eerste staan tegenover die besparingen – twee miljard  – ongeveer evenveel nieuwe uitgaven – ook twee miljard. Er zijn ongeveer evenveel besparingen als nieuwe uitgaven. Als elke besparing bewijst hoe ‘kil’ en ‘hardvochtig’ de regering is, dan bewijst elke nieuwe uitgave hoe ‘gul’ en ‘ruimhartig’ ze is.
     En dat is niet het enige. Onze linkse vrienden kijken niet enkel naar de hoeveelheid van besparingen en uitgaven, maar ook naar wie er slechter en wie er beter van wordt. Als de hoge inkomens er slechter van worden en de lage inkomens beter, dan wordt dat een sociaal ‘herverdelingsbeleid’ genoemd.
     Hoe staan de zaken ervoor op dit terrein? Erg sociaal eigenlijk. Ik heb tijd noch zin om, zoals sommige van mijn collega’s, het héle regeerakkoord te lezen. Ook ga ik de begrotingstabellen, die Jambon op zijn bureau had laten liggen, niet uitvlooien naar elk miljoen meer of minder. Ik heb geleerd dat je veel kunt begrijpen door alleen naar de grote cijfers te kijken. En de grootste cijfers bij de twee miljard verschuivingen zijn: 320 miljoen meer inkomsten door de afschaffing van de woonbonus en 350 miljoen meer uitgaven* door het invoeren van een jobbonus. Huizenkopers verliezen een bonus, en mensen met een laagbetaalde job krijgen er een.
     Het is zonneklaar dat de geldstroom hier van rijker naar armer gaat. Wie een huis koopt of laat bouwen behoort, mogen we aannemen, tot de 75 procent hoogste inkomens*, en wie een jobbonus krijgt, tot de 40 procent laagste**. Er is een ruime overlapping tussen de twee groepen – ook kleinverdieners kopen en bouwen huizen – maar de richting van de ‘herverdeling’ is ondubbelzinnig. Links zou moeten juichen.
     Zelfs ik, die niet links ben, juich een beetje. Die woonbonus heb ik namelijk altijd een onrecht gevonden. Mijn vrouw en ik hebben voor ons landhuisje indertijd een flinke lening moeten aangaan tegen een interest die jonge huizenkopers van nu zich niet meer kunnen voorstellen. Op vijftien jaar tijd moesten we twee keer zoveel afbetalen als wat we hadden geleend. Om dat een beetje goed te maken had de toenmalige regering in haar welwillendheid ervoor gezorgd dat we die afbetalingen fiscaal konden aftrekken van ons inkomen. Elk jaar kregen wij daardoor in april duizenden euro’s terug van wat het vorige jaar van ons loon was afgehouden. ’t Had werkelijk iets van een jaarlijkse bonus. ’t Was een moment van onverdeeld geluk en dán kniezen ware ongepast geweest.
    Anders was dat enkele maanden ervoor, bij het invullen van de belastingbrief. Op dát moment maakte ik mij telkens weer dezelfde bedenking: waarom moeten wij, die ons een eigen huis kunnen permitteren, een gunstiger belastingregeling genieten dan huurders die dat niet kunnen? Ten slotte waren we zelf ook vijftien jaar huurder geweest.




* Strikt genomen is de jobbonus geen uitgave, maar een minderinkomst door belastingverlaging.

** Dat lijkt mij een redelijke aanname als je weet dat 75 procent van de Belgen een eigen huis bezitten.

*** De jobbonus geldt voor mensen die tot maximaal 1.700 € bruto per maand verdienen, waarmee je je ongeveer in het vierde inkomensdeciel bevindt.

vrijdag 31 mei 2019

Verkiezingen - Losse gedachten bij de

* Bij het avondeten vroeg ik wie aan tafel een oplossing had voor de politieke impasse. Vrouw en kind zwegen en zelf wist ik ook niets te verzinnen. Van de Lanotte, Reynders, De Wever en Di Rupo zullen de knoop dus zelf moeten ontwarren.

 * De stemtest van vrt en rtbf werd meer dan drie miljoen keer ingevuld. Ik heb dat zelf niet gedaan, maar ik ken mensen die tot hun grote verbazing uitkwamen bij PVDA of Vlaams Belang, terwijl dat juist de partijen waren waar ze helemaal niet op wilden stemmen en waar ze ook niet op hébben gestemd. Zelfs goed gemaakte stemtesten bevoordelen blijkbaar de partijen die de meest onrealistische zaken beloven.

* Ik heb in een stukje vóór de verkiezingen vijf redenen gegeven waarom kiezers van N-VA naar Vlaams Belang overstapten. Daar komt nu nog een reden bij: mensen stemmen graag voor een underdog maar toch vooral als die groot en sterk is.

* Een VRT-reporter vroeg aan Theo Francken of hij met zijn ‘terminologie’ niet mee verantwoordelijk was voor het succes van Vlaams Belang. Dat was een domme vraag. Wie naar de resultaten kijkt van N-VA en het Belang in Vlaams Brabant ziet dat daar het omgekeerde is gebeurd.

* Je kunt met hetzelfde gemak zeggen dat een bepaald soort linkse propaganda verantwoordelijk is voor het VB-succes. Als je voortdurend beweert dat N-VA niets meer is dan een light versie van Vlaams Belang, dan moet je niet schrikken als mensen uiteindelijk het ándere product kiezen. 

* Heeft trouwens ooit al een VRT-reporter aan een SP.a-kopstuk gevraagd of hun linkse kiesbeloften mee verantwoordelijk zijn voor het succes van PVDA?

* N-VA heeft in de campagne goed ingespeeld op de thema’s die zich aandienden: klimaat, onderwijs en zelfs verkeer, al was dat in de vorm van een koerswijziging. Je kunt niet decreteren waar een campagne over moet gaan. Maar de naam Marrakesh had wellicht wat vaker mogen vallen.
* De PVDA-kiezer wil zaken die niet samengaan op korte termijn: hoger loon, hoger pensioen, minder werkuren, lagere pensioenleeftijd. Maar op lange termijn kunnen die doelen wel degelijk samengaan door een stijging van de productiviteit.

* De Vlaams Belang-kiezer wil iets wat onmogelijk is op korte én op lange termijn: minder vreemdelingen op straat. Het is wél mogelijk om de grenzen voor ongewenste migratie min of meer te sluiten, maar de vreemdelingen die hier al zijn, blijven op straat rondlopen en blijven kinderen hebben. En hun geslaagde inburgering zal niet voor morgen zijn.
* Ik kreeg op mijn Facebookpagina herhaaldelijk een filmpje te zien van Vlaams Belang waarin minister Homans over de hekel werd gehaald. Homans had ‘met plezier’ gratis inburgeringscursussen aangeboden aan vreemdelingen. 4300 euro per persoon! En ik die dacht dat Vlaams Belang juist verplichte inburgeringscursussen (hier) wilde. Of zouden de vreemdelingen die verplichte cursussen zelf moeten betalen, zoals de Mexicanen zelf voor Trumps muur zouden betalen?

* Ik heb verschillende commentaren gelezen over de fout die Bart De Wever gemaakt had in het debat met Crombez over de pensioenen. Maar niemand legde uit wat die fout nu juist was. Bij Jambers hoorde ik eindelijk de uitleg van De Wever zelf : ‘Ik wist dat dat van die levensverwachting in ons programma stond, ik kon dat dus niet ontkennen, maar, eerlijk gezegd, ik was vergeten dat daar duidelijk bij stond: “tegen 2070”.’
* In zijn boek ‘Identiteit’ geeft De Wever interessante oplossingen aan om de migratie te beperken en de integratie te bevorderen. Maar dan schrijft hij, op bladzijde 89: ‘Als gevolg daarvan [een goede inschakeling van de migranten in onze economie] zou ook het draagvlak en de tolerantie tegenover migratie opnieuw versterken.’ De Wever spreekt hier de zuivere waarheid. Maar ik zou zoiets nooit schrijven, uit angst dat niet Crombez maar mijn vijanden ter rechterzijde de zin uit zijn context zouden citeren en misbruiken.

* Vlaams Belang heeft haar racistisch verleden min of meer afgezworen, en PVDA heeft haar leninistisch-stalinistisch verleden min of meer afgezworen. Prima. Maar het doet mij ook denken aan die Rus met plasproblemen. Na een sondage van de blaas vroeg men hem hoe hij zich voelde. ‘Opgelucht,’ zei hij, ‘maar je weet wat men over laster zegt. Il en reste toujours quelque chose.’
* Het cordon lijkt terug te gaan op de gedachte dat racisme – of wat daarnaar zweemt – in de politiek een doodzonde is, terwijl korte-termijndenken, verspilling, corruptie, onrechtvaardige belastingen, maar dagelijkse zonden zijn.

* Je leest soms dat Vlaams Belang ‘racisme aanwakkert’ of ‘verdeeldheid zaait’ of ‘vijandbeelden creëert’. Dat racisme, die verdeeldheid en die vijandbeelden zouden dus niet bestaan zonder het Vlaams Belang. En dat is dan weer strijdig met de theorie dat dat racisme enzovoort in het Vlaamse DNA zijn ingebakken.
* N-VA zei tijdens de campagne dat Vlaams Belang de positie van links zou versterken door stemmen af te snoepen van regeringsbereid centrumrechts. Vlaams Belang antwoordde dat N-VA, als het erop aankomt, bereid is om in een coalitie te stappen met links. De twee beweringen zijn waar.

* Zou links blij zijn met een grotere versnippering van rechtse stemmen ook als dat een groter Vlaams Belang betekent? Dat weet ik niet. Ik ben rechts en ik ben niet blij met een grote versnippering van linkse stemmen als dat een groter PVDA betekent. Maar ik moet ook geen regering vormen.

maandag 22 april 2019

Wie pleegde de aanslagen op Sri Lanka?

     Als er ergens ter wereld een nieuwe bomaanslag is, heb je twee soorten mensen. Je hebt mensen zoals ik die denken: het zal wel weer een moslimterreurgroep zijn. Ik heb dan achteraf vaak gelijk. En je hebt mensen die  ‘niet voorbarig willen speculeren over de daders en hun motieven’ en zo lang mogelijk ‘alle denkpistes willen openhouden’. Daar valt iets voor te zeggen. Voorzichtigheid is de moeder van de porseleinkast.
     Bij de aanslagen in Sri Lanka was de porseleinkast hoog en diep en waren er veel denkpistes om open te houden. Je hebt in dat land een meerderheid van boeddhisten, met daarnaast minderheden van hindoes, moslims en christenen. Die aanslagen op die kerken en die hotels konden dus het werk zijn van boeddhisten, van hindoes en van moslims. Eigenlijk kun je ook de christenen niet uitsluiten, want er kunnen altijd rivaliserende groepen opduiken, maar díe speciale piste hebben de grote media niet gevolgd. Het NOS-journaal had de mond vol over de boeddhisten en het VRT-nieuws, waar ik voor het eerst sinds jaren weer naar gekeken heb, had een verhelderend schema over de rivaliteit tussen boeddhisten en hindoes, alhoewel geen van de twee groepen het doelwit van de aanslagen waren geweest. Het schema was anders wel duidelijk en pedagogisch verantwoord. Het hoge ideaal van de volksverheffing is nog niet helemaal vergeten.
     Zelf had ik die boeddhisten meteen uitgesloten. 
Dat zijn nochtans ook niet altijd lieverdjes, zei mijn vrouw. Dat moest ik toegeven. Maar bij gewelddadige boeddhisten stel ik mij menigtes voor van mannen in rode jurken en gewapend met knuppels. Bomaanslagen, dat lijkt mij minder iets voor hen.

     Zouden er behalve voorzichtigheid en opvoedkunde nog andere redenen zijn om niet te snel de moslimextremisten als de daders aan te wijzen? Je krijgt wel eens de indruk dat die lui op NOS of VRT hópen dat zo’n aanslag door een ándere religieuze stroming is opgezet. Alsof het op een of andere manier minder erg zou zijn als ook binnen andere religies tereurgroepen ontstonden en de islam daardoor niet meer zo moederziel alleen stond.  Dat is dan in elk geval een rare hoop. Van wie de bommen ook komen, de slachtoffers zijn even dood, dus voor hen maakt het geen verschil. Als we hier iets zouden moeten hopen, is het wel het omgekeerde. Dat onder de moslims een extremistische minderheid bestaat die zelfmoordaanslagen als strategie gebruikt, is een spijtige realiteit, maar het is ook oud nieuws. Als zo’n trend nu ook zou opduiken bij andere godsdiensten zou dat juist erg betreurenswaardig zijn.  ’t Is zonde dat ik het zeg, maar eigenlijk moeten we hópen dat zo’n nieuwe bomaanslag voortkomt uit het moslimextremisme, liever dan uit een nieuwe variant van religieus fanatisme.
     Ik kan mij overigens in die eerste nieuwsberichten niet druk maken. Na enkele uren of dagen wordt alles toch duidelijk. Ondertussen weten ook NOS en VRT uit welk milieu de bommengooiers van Sri Lanka kwamen. Ze kwamen níet uit het milieu van de boeddhisten of hindoes, of uit dat van rivaliserende christenen. En de aanslagen hadden, zoals Jurgen Ceder mij op Facebook duidelijk maakte, niet noodzakelijk veel te maken met politieke en religieuze spanningen op Sri Lanka zelf. Ze waren niet gericht tegen regeringsgebouwen maar – typisch – tegen de westerse vijand: toeristenhotels en christelijke kerken die met het Westen worden geassocieerd.
     Wat die christelijke kerken betreft moeten we volgens sommigen trouwens ook voorzichtig omgaan met de porseleinkast. Welk soort  mensen bezoekt zulke plaatsen? Roekeloze lui  speculeren nogal snel, zonder alle feiten te kennen, dat het om zogenaamde ‘christenen’ zou gaan. Barak Obama en Hillary Clinton zijn voorzichtiger. Volgens hen ging het om ‘Easter worshippers’. Paasaanbidders ... daar kunnen best wat christenen bij geweest zijn, maar we kunnen de aanwezigheid van enkele Keltisch gezinde druïden ook niet uitsluiten.
     Als het op op politieke correctheid aankomt, kunnen wij van de Amerikanen nog wat leren.*



* Maar de een leert sneller dan de ander. Koen Geens bijvoorbeeld is een snelle leerling. Toen de Staatsveiligheid enkele dagen geleden waarschuwde voor de opmars in ons land van het salafisme en de radicale islam, had hij drie nuances klaar: het salafisme is een kleine minderheid binnen de moslimbevolking, niet alle salafisten steunen terreur  en ‘er is niet alleen radicalisering binnen de islamwereld’ (hier).  De eerste twee nuances zijn, geloof ik, juist. De derde misschien ook, maar dan ik moet toch eventjes denken aan de boeddhisten, de hindoes en de Tamiltijgers van VRT. 

zondag 13 januari 2019

Dries Van Langenhove en de 'rotte partijpolitiek'

De activist DVL: 'Linkse ratten, rol uw matten'
     Als student in de rechten Dries Van Langenhove verkozen raakt op de Vlaams Belang-lijst*, zal ik mij nog vaak aan hem ergeren. Hij zal dan allerlei dingen vertellen waar ik het niet eens mee ben – wat nooit leuk is – maar hij zal ook allerlei dingen zeggen waar ik het wél mee eens mee ben, en dat is ’t ergste. Ik verwacht van hem veel moraliserende centrum-rechts-gezond-verstand uitspraken, gematigder dan die van Filip De Winter, maar altijd, bij wijze van spreken, op een  Edward Mosley-toon die mij eraan herinnert dat zijn ware agenda rechts van extreemrechts ligt.
     Voor die ware agenda heb ik als bewijs niets meer dan enkele berichten die hij gepost heeft op een besloten internetgroep: een filmpje met een redevoering van Mosley, iets over politiek en lichaamscultus (‘ik kan niet begrijpen hoe iemand dik en rechts kan zijn’), een belofte om supermarkten ‘Golden Dawn-gewijs te zuiveren van halal’, en een voornemen om binnen twee jaar een eigen ‘mobiele brigade’ op te richten die je kunt opbellen als allochtonen luide muziek spelen op de trein. (Zie hier en hier)
     Voor mij is dat bewijs genoeg, maar dat is het niet voor iedereen. Tom Van Grieken beweerde op de televisie dat hij net als iedereen overdonderd was geweest door de heisa rond de pano-reportage, maar dat hij nu, na een paar maanden, vaststelt dat ‘het op geen enkele manier Dries is geweest die walgelijke posts heeft geplaatst, dat hij geen foute uitspraken heeft gedaan’. Ik ben het daar niet mee eens. Ik vind die uitspraken over de ‘mobiele brigades’ en over de supermarktacties meer dan fout, die over ‘dik en rechts’ meer dan bedenkelijk, en ook over het plaatsen van een Mosley-filmpje denk ik, net als Maarten Boudry op zijn Facebookpagina, het mijne. Wanneer een journalist die posts onder Van Langenhove zijn neus duwt, begint die luid en met een klemtoon op bijna elke lettergreep, te oreren over ‘vooringenomenheid’ en ‘flagrante leugens’. Dat overtuigt mij niet.
     Kijk, Van Langenhove mag gerust zeggen dat iemand anders die berichten onder zijn naam geplaatst heeft. Het staat iedereen vrij om dat te geloven. Maar voor mij moet hij eerst klaar, duidelijk en openlijk zeggen dat hij tégen zulke mobiele brigades is, dat die supermarkten best het recht hebben om halal aan te bieden en dat die Mosley een verwerpelijke fascist was. Als hij dát zegt, stijgt zijn geloofwaardigheid bij mij met enkele procenten.
     Zijn er andere aanwijzingen voor de extreem-extreemrechtse agenda van Van Langenhove? Ah ja, die Hitler-parafernalia die zijn S&V-makkers posten, die militair aandoende trainingskampen, dat poseren met wapens, dat driehoekig embleem op het uniformtruitje … dat is allemaal erg indirect. Zelf heb ik mij het meeste druk gemaakt om iets wat hij zei toen hij zijn Vlaams-Belang-kandidatuur bekendmaakte. ‘Dat engagement zal niets veranderen aan mijn afkeer voor de partijpolitiek. Ik zei het vorige week op de Mars voor Democratie en ik zal het blijven zeggen. De particratie is een rot systeem. We moeten de macht die de particratie heeft over het volk doorbreken …’
     Tja, hoe moet je zo’n uitspraak begrijpen? Is dat nu een sluwe manier om het het parlementaire systeem zelf aan te vechten, in de geest van Hitlers ‘Kampf gegen den Parlamentarismus’? Is het een hint dat een meerpartijensysteem in wezen corrupt is en dat het veel beter is als er géén ruziënde partijen zijn, of alleen maar die ene goede? De krachtige taal – ‘rot’ – laat verstaan dat het hele systeem niet hervormd, maar vernietigd moet worden. Of ‘doorbroken’. Eigenlijk geloof ik dat het inderdaad zulke ideeën zijn die in het hoofd van Van Langenhove rondspoken.
     Ik geef het toe, de woorden van Van Langenhove kunnen ook op een andere, minder argwanende worden uitgelegd. Misschien gelooft onze student in de rechten waarlijk dat álle politici van álle partijen omkoopbaar zijn en de belangen van het volk ‘verraden’ om er zelf beter van te worden. Als hij dat gelooft, dan maakt die simplistische veralgemening hem ongeschikt voor de politiek. Of misschien gelooft hij dat zelf niet, maar gelooft hij dat er veel mensen zijn die dat wel geloven, en praat hij die mensen naar de mond. Dan is hij een demagoog zoals vele anderen, niets om je over op te winden, maar zeker ook niets om naar op te kijken. Of misschien heeft hij in de krant gelezen dat politici vaak huichelen, liegen, beloftes breken, eerzuchtig zijn, hard zijn voor elkaar, en idealen verdunnen tot compromissen. Dan hadden de kranten het bij het juiste eind, want politici zijn mensen, en waar mensen zijn wordt gehuicheld en gelogen en is men eerzuchtig en hard. Bij politici komen die ondeugden misschien wat vaker voor dan bij bibliothecarissen, maar je vindt ze overal, en als je goed zoekt vind je er ook enkele bij jezelf.
     Een andere, welwillende, lezing van de ‘particratie is rot’-uitspraak is deze. Van Langenhove is in de eerste plaats een activist, en activisme is een ‘idealistische’, ‘zuivere’ aangelegenheid, in tegenstelling tot de rotte partijpolitiek, het corrupte parlement en de verdorven regering. De echte veranderingen komen er door acties op straat, waarbij de mensen ‘bewust worden gemaakt’. Maar hoe moet ik mij dat voorstellen? Schild en Vrienden houdt een betoging. Van Langenhove loopt voorop, priemt zijn twee wijsvingers in de lucht en roept luid oude slogans van de Vlaamse Militanten Orde: ‘Linkse ratten, rol uw matten’. Wat zal er nu gebeuren? Zullen de linkse mensen hun ‘matten rollen’ en verhuizen? Zullen ze van mening veranderen? Zal het publiek niet meer op linkse partijen stemmen, maar op rechtse? Dat laatste is in elk geval alweer partijpolitiek. Er is niets op tegen als men door vreedzame acties de publieke opinie probeert te overtuigen van een of andere goede zaak. Hopelijk zal die publieke opinie dan ook invloed hebben op partijpolitiek en de besluitvorming. Als dat niet het geval is, heeft het activisme geen zin. Is dat wel het geval, en houdt de partijpolitiek wél rekening met de publieke opinie, dan is ze, alles samen genomen, zo ‘rot’ nog niet.
     Van Langenhove zijn uitval tegen rotte partijpolitiek kan nog op een derde manier worden opgevat. Die redenering gaat dan als volgt. In een democratie moet de macht bij het volk liggen, en bij zijn verkozen vertegenwoordigers. In werkelijkheid ligt die bij de partijbesturen. Die besturen bepalen wie op de verkiezingslijst komt en op welke plaats. Ze bepalen dus in grote mate wie verkozen wordt. Ook bepalen ze wie minister, burgemeester of schepen wordt. In ruil daarvoor moeten verkozenen zich bij stemmingen houden aan de partijdiscipline en moeten ministers, burgemeesters en schepenen uitvoeren wat het partijbestuur beslist.
     Misschien speelt hier mijn marxistisch-leninistisch verleden, maar ik zie niet zoveel kwaads in die partijdiscipline. Toen er in het Parlement gestemd werd over het Marrakesh-akkoord, keurden álle CD&V’ers en VLD’ers die pro-migratietekst goed. Dat vond ik niet fijn, want ik was tégen en ik geloof dat een aantal van die CD&V’ers en VLD’ers heimelijk ook tégen zijn. Maar álle N-VA’ers hebben dan weer wel tegengestemd, wat ik heel fijn vond, terwijl daar misschien best een paar heimelijke voorstanders bij kunnen zijn. Bij de volgende verkiezingen weet het publiek jammer genoeg niet zeker welke kandidaten écht voor en welke écht tegen het Marrakesh-akkoord zijn. Maar het publiek kent wel het standpunt van de partijen en kan daar rekening mee houden als het wil. Dat is al heel wat.
     Eén zaak geef ik in elk geval graag toe: in ons land ligt inderdaad veel politieke macht bij de partijbesturen. Maar niet alle macht. Er ligt ook macht bij de koning, bij de eerste minister, bij kernkabinetsleden, bij eigenzinnige parlementsleden, bij Europese instellingen, bij nationale en supranationale rechtbanken, bij de administratie, bij de vakbonden, bij invloedrijke studiebureau’s, bij drukkingsgroepen, bij VRT-journalisten. Het is best mogelijk dat bij ons het evenwicht zoek is. Dat is wat professor Wilfried De Wachter beweert in zijn boek over particratie. Je kunt dan allerlei hervormingen doorvoeren om de macht van partijbesturen te beperken: wetgeving over de interne werking van partijen, afschaffing van subsidies, rechtstreekse verkiezingen van uitvoerende functies, open lijstvorming, getrapte verkiezingen, beperking van de herverkiesbaarheid, lagere kiesdrempels, hogere kiesdrempels, kleinere kieskringen, grotere kieskringen. Als we naar andere landen kijken, zien we dat al die regelingen al uitgeprobeerd zijn, en dat ze op hun beurt hun eigen nadelen hebben.
     We hebben van Montesquieu en de Amerikanen geleerd dat een vrije samenleving best gebaat is met een spreiding van de macht over verschillende instellingen. En we hebben van Popper geleerd dat het niet zo belangrijk is wélke instelling de meeste macht heeft, op voorwaarde dat die macht weer kan worden afgepakt zonder bloedvergieten. Die laatste voorwaarde is heel erg van toepassing op de partijbesturen. Het bestuur van een regeringspartij heeft een aanzienlijke macht in handen; het bestuur van een oppositiepartij heeft niets in handen, of teert in het beste geval op de machtsrestjes van een vroegere bestuursdeelname. De periodieke verkiezingen zorgen voor een periodieke aflossing van de wacht, wat Nozick de “zigzag of politics” noemt, en de Fransen de ‘alternance’.
     Veel mensen vinden spontaan die idee van ‘alternance’ aantrekkelijk. Zij zien in alle partijen goede punten, en vinden het leuk dat die beurtelings aan bod komen. Ik heb dat niet. Ik kan bijvoorbeeld niet begrijpen wat goeds er kan voortkomen uit een regeringsdeelname van groenen of socialisten. Wát er waardevol is in het programma van die partijen, vind ik ook wel met enig zoeken terug in de partijen van mijn voorkeur. Van karakter sta ik dus open voor de totalitaire verleiding om alle politieke heil van één kant te verwachten. Maar ik wil graag in goede verstandhouding samenleven met de mensen om me heen. Sommige van mijn beste vrienden zijn groen of socialist.  Ik wil hun partijen tolereren als zij de mijne tolereren. En dan is er nog iets. Die partijen van mijn voorkeur – die voorkeur slaat wel eens om – blijven mensenwerk. Als zo’n partij, ook al is het die van mijn voorkeur, te lang aan één stuk door aan de macht blijft, is dat niet goed voor haar morele gehalte. ‘Power corrupts,’ zei lord Acton, ‘and absolute power corrupts absolutely.’
     Om kort te gaan, als Van Langenhove nog eens uitvalt tegen de ‘rotte partijpolitiek’ zou ik graag hebben dat hij nuanceert en preciseert, dat hij in een adem door zijn steun toezegt aan het beginsel van een meerpartijenstelsel, en dat hij tegelijk ook uitlegt welke structurele hervormingen hij voorstelt om de werking van het stelsel te verbeteren. Zo niet, zal ik zijn uitval interpreteren, in het beste geval, als een kwalijke autoritaire oprisping, in het slechtste geval, als een blijk van een stiekeme totalitaire ideologie.

* Opkomen op een Vlaams Belang-lijst lijkt mij een Nieuwe Marsrichting, vergeleken met de vorige infiltratiepogingen in N-VA, die ik vroeger al eens becommentarieerd heb.

woensdag 9 januari 2019

Dries Van Langenhove versus Kathleen Cools

     Met grote verbetenheid, maar met allebei een glimlach op het gezicht, hebben Dries van Langenhove en Kathleen Cools gedurende 15 minuten een welles-nietes-gesprek gevoerd op Terzake. De glimlach van Dries vind ik professioneler dan die van Cools die teveel aan een vals tante nonnetje doet denken. Maar laten we het over de inhoud hebben.
     Nou ja, inhoud.* Cools vond het heel belangrijk te melden dat er een gerechtelijk onderzoek liep tegen Van Langenhove. Ik vond dat niet belangrijk, want dat onderzoek zal, geloof ik, geen strafbare feiten aan het licht brengen. En als er al strafbare feiten aan het licht komen, dan toch alleen strafbaar op basis van de dubieuze anti-racisme wetgeving. Ook wilde Cools graag bewijzen dat Van Langenhove een opportunist is die een parlementair mandaat wil voor het geld. Ten slotte wierp ze Dries voor dat hij eerst had gezegd dat hij tegen de partijpolitiek was, en nu deed hij zelf mee als lijsttrekker van Vlaams Belang**. Wat een bocht, vond Cools.
     Van Langenhove kon gemakkelijk uitleggen dat hij geen bocht had gemaakt. Hij kwam als onafhankelijke op de lijst. Bovendien zou hij het parlement alleen gebruiken om daar de ideeën te verkondigen die hij ook in straatacties en op de sociale media propageert. Straks hebben we dus, naast Raoul Hedebouw, een tweede volkstribuun in de kamer. Die idee om het parlement te gebruiken als ‘tribune’ is voor het eerst uitgewerkt door Lenin, vooral in zijn boekje ‘De linkse stroming’, en werd later ook in de praktijk gebracht door de Hitlerianen voor ze de macht grepen. Ze deden mee  aan de partijpolitiek om de partijpolitiek aan te klagen. Net als de Leninisten en de Hitlerianen is Van Langenhove juist géén opportunist, maar een man van radicale ideeën.
     Met een aantal van die ideeën heb ik het moeilijk. Van Langenhove postte op een besloten groep van Schild en Vrienden onder andere:
  • ‘Ik kan niet begrijpen hoe iemand dik en rechts kan zijn.’ (Ik hou niet van die verweving van politiek en lichaamscultus.)
  • ‘Binnen twee jaar kan je de mobiele brigade opbellen die hen dan opwacht aan het volgende station. (Als antwoord op zijn vriend Louis de Stoop die geklaagd had dat ‘bruinzakken’ luide muziek speelden op de trein).
  • Supermarkten gaan we ‘Golden Dawn-gewijs zuiveren van halal’. (Een verwijzing naar gewelddadige acties van een Griekse rechts-extremistische groep).
     Een andere Vriend postte op dezelfde groep:
  • ‘We eisen als samenleving [...] niet veel van vrouwen: een goede moeder zijn en zichzelf verzorgen, er goed uitzien. Mannen worden terecht hogere standaarden opgelegd.’ (Tot in de negentiende eeuw waren zulke ideeën ruim verspreid - Ibsen en Wilde halen ze over de hekel. Maar in de twintigste eeuw vinden we ze vooral bij sommige vooroorlogse Nieuwe Orde-bewegingen).
     Dat zijn allemaal standpunten die Van Langenhove buiten zijn officiële communicatie houdt. Wel komt hij openlijk uit voor zijn afkeer van de verrotte partijpolitiek en de ‘particratie’. Eigenlijk vind ik dat standpunt nog erger, want ik ben een hartstochtelijk voorstander van een meerpartijenstelsel.
     Dat stelsel heeft natuurlijk allerlei nadelen: gepalaber, compromissen, trage besluitvorming, onverstandige beslissingen, korte-termijnvisie, politieke spelletjes, verkozenen die het alleen om het mooie inkomen te doen doen, onverkozen partijbesturen die beslissen wat in het parlement gezegd en in de regering beslist wordt.**** Maar het volstaat om wat te lezen over bijvoorbeeld nazi Duitsland om vast te stellen zien dat al die problemen daar ook aanwezig waren, en nog enkele andere ook
     Het grootste nadeel van de meerpartijendemocratie is vooral dat zoveel mensen stemmen op partijen die ik niet lust. En mensen die op heel andere partijen stemmen ondervinden hetzelfde nadeel. Daar moeten we als volwassenen mee leren leven, in plaats van op te roepen dat ‘het volk de rotte partijpolitiek aan de kant moet schuiven.
  

* Op het einde van het interview liet Cools een filmpje zien dat Dries Van Langenhove geplaatst had op zijn besloten groep. Het was een toespraak uit de jaren dertig van de Britse fascist Mosley. Mosley had toen gezegd: ‘Naturally we believe in our own race. Any man or woman worth anything believes in his own race as he believes in his own family. But because you believe in your own race or in your own family, doesn’t mean you want to injure other races or other families.’ Cools vond dat dit erg goed geleek op een toespraak die Van Langenhove onlangs zelf gehouden had: ‘We weten dat het niet is omdat je je eigen volk liefhebt, dat je daarom andere volkeren zou haten, net zo min als je eigen gezin liefhebben betekent dat je andere gezinnen zou haten.’ Van Langenhove heeft het woord ‘ras’ vervangen door het woord ‘volk’, waarmee het voor fatsoenlijke nationalisten perfect aanvaardbaar is. Maar het blijft natuurlijk plagiaat. Ik heb enige moeite om aan mijn leerlingen uit te leggen dat een overgenomen tekst vormelijk plagiaat blijft, ook als je hier en daar een woord verandert. De grote gelijkheid van vorm bewijst het plagiaat. En in het geval van Van Langenhove is het een sterke aanwijzing dat hij het inderdaad is die het filmpje geplaatst heeft, wat hij met grote stelligheid ontkent.

** Nadat Vlaams Blok-Vlaams Belang gedurende vele jaren minder extreem werd, maakt ze nu, met Van Langenhove als lijsttrekker, de omgekeerde beweging.


*** Van Langenhove heeft zich niet met zoveel woorden uitgesproken tegen het meerpartijenstelsel. Maar ik sta erg wantrouwig tegenover mensen die kritiek leveren op de particratie’ zonder te nuanceren, zonder tegelijk hun steun uit te spreken voor het meerpartijenstelsel en zonder concrete voorstellen te doen. 

**** Die corruptie en gebrekkige besluitvorming zijn een goed argument om de sfeer van de politiek en de staatsinterventie beperkt te houden.

zondag 9 september 2018

S&V-infiltratie in N-VA

     N-VA heeft begrijpelijkerwijze nogal fel gereageerd op de S&V-rel. Stevige uitspraken van De Wever, Francken en Demir: ‘opkuisen’, ‘afgrijselijk’, ‘mensonterend’, ‘heel sterk veroordelen’, ‘gevaarlijk’. Hart, nieren en ondergoed worden geschouwd van al wie binnen de partij ooit in de verte iets met S&V te maken heeft gehad. Kandidaten voor de gemeenteraadsverkiezingen worden van de lijst geschrapt. Er wordt een streep getrokken in het zand. ‘Een lidmaatschap van Jong-N-VA en N-VA is niet verenigbaar met het lidmaatschap van S&V,’ zegt Tomas Roggeman in Het Nieuwsblad. Mij doet dat denken aan het ‘Congres van de onverenigbaarheden’ van 1964, toen de Belgische Socialistische Partij zich zuiverde van ultra-linksen en federalisten.
     Door die felle reactie wordt het moeilijk om N-VA nog geloofwaardig in verband te brengen met S&V. Je kunt erop wijzen dat ze allebei Vlaams-nationalistisch zijn, maar de meeste Vlamingen vinden Vlaams-nationalisme een aanvaardbare politieke stroming, zoals liberalisme, socialisme, ecologisme en christen-democratie dat ook zijn. Wouter Beke en Alexander Decroo zien een verband tussen de ‘ruwe’ of ‘deshumaniserende’ uitspraken van N-VA’er Francken en het extremisme van S&V. Je zou haast geloven dat er binnenkort verkiezingen zijn. En het zijn dan altijd dezelfde twee of drie tweets die worden geciteerd: die over het  ‘opkuisen’ van het Sint-Maximiliaanpark’ en die over ‘Arabische jongeren en stenen …’ Over die eerste uitspraak heb ik al iets geschreven. Van die tweede heb ik pas onlangs begrepen dat ermee verwezen werd naar de Palestijnse Intifada-toestanden. Maar de tweet blijft een verregaande veralgemening, en daar moet je mee oppassen.
     Zulke redeneringen waarbij de ene zaak (een tweet van Francken) langs allerlei tussenstappen aanleiding geeft tot een andere zaak (het ontstaan van een extreem-rechtse organisatie) noemen we een hellend vlak. Meestal zit daar iets van waarheid in, maar dat iets stelt meestal niet zo heel veel voor. Anders moet je al snel alle socialisten verantwoordelijk stellen voor rode terreurdaden, alle katholieken voor de IRA-aanslagen van vroeger, en alle moslims voor de islamistische terreur van nu. Wie vurig pleit voor een betere behandeling van dieren is dan enigszins aansprakelijk als er morgen een bom ontploft in een farmaceutisch bedrijf waar dierenproeven plaatsvinden.
     Wie een hellend-vlakredenering aanwendt, speculeert over een reeks causale verbanden. Dat mag. Ik doe het voortdurend. Het komt er dan op aan een beetje kritisch te blijven voor je eigen speculaties. Je moet af en toe een stapje achteruitzetten en met de ogen half dichtgeknepen de eigen constructie eens opnieuw bekijken.
     Iemand die dat niet vaak doet is, geloof ik, Peter Mijlemans.
     In Het Nieuwsblad van vrijdag 7 september stelt Peter zich de volgende vraag: ‘Waarom is N-VA zo geliefd bij leden van Schild en Vrienden?’ Dat is een redelijke vraag, die hij zelf retorisch beantwoordt met een reeks andere vragen. ‘Is het louter het kiezen voor de grootste partij? Of de manier van communiceren van kopstukken? Of is het de polarisatie die de partij als strategie durft uit te spelen?’ En Peter besluit: ‘Het zijn vragen waarop enkel N-VA een echt antwoord kan geven.’
     Maar Peter toch. Hoe kan N-VA dat nu weten? En dan nog ‘enkel N-VA’? Het zijn enkel de mensen van  S&V die daar een ‘echt antwoord’ op kunnen geven. En de mogelijke antwoorden die Peter suggereert hebben ook al niet veel om het lijf. De grootste partij? Dat kan nooit de enige reden zijn. De manier van communiceren? Sinds de Pano-uitzending weten we dat S&V zelf een heel ándere ‘manier van communiceren’ hanteert. En wat dat ‘polariseren’ betreft, wat dat ook moge betekenen, het zal in elk geval iets anders zijn voor N-VA dan voor S&V.
     Mag ik vanuit mijn extreem-linkse verleden een ander antwoord voorstellen? Leden van S&V sluiten zich bij N-VA aan om die partij te infiltreren. Dat deden communisten ook met vakbonden en linkse partijen. Lenin heeft dat uitdrukkelijk opgedragen in zijn boekje ‘De linkse stroming’. Zo’n infiltratie lukt het beste als er een overlapping bestaat tussen het programma van de geïnfiltreerde en dat van de infiltrant. Die overlapping was er tussen communisme, socialisme en vakbond, en die overlapping is er ook tussen N-VA en S&V, namelijk het Vlaams-nationalisme en de idee dat de immigratie moet worden beperkt.
     Het doel van de infiltratie is dan tweeërlei: aan de ene kant  in die geïnfiltreerde partij leden werven voor de eigen organisatie, aan de andere kant het beleid van de geïnfiltreerde partij beïnvloeden of via die partij meer invloed te krijgen op de samenleving.

     De mensen van S&V konden met hun infiltratiepogingen twee richtingen uit: die van Vlaams belang of die van N-VA. Als ze vooral nieuwe leden wilden werven, was Vlaams Belang de beste kandidaat wegens grotere ideologische overlapping. Maar misschien is dat niet hun eerste doel. Ze wekken de indruk meer belang te hechten aan de ‘kwaliteit’ van hun ‘normies’, ‘rekruten’ en ‘strijders’, dan aan de kwantiteit. ’t Moeten vooral hárde kerels zijn, met stalen zenuwen en getrainde lichamen. Meer Verdinaso dan VNV, als ik mij als leek in die materie zo mag uitdrukken. Als het waar is wat men beweert, dat S&V-mensen de voorkeur geven aan N-VA boven Vlaams Belang, dan zou dat erop wijzen dat ze met hun infiltratie meer beïnvloeding dan rekrutering nastreven.
     Dat alles in de veronderstelling dat de infiltratie gebeurt door de leden van de harde kern, mensen die op de hoogte zijn van de red-pil-ideologie achter de schermen. Een gewone S&V hangaround die van de prins geen kwaad weet en nog nooit over die rode pillen heeft gehoord, kan zich op een N-VA-lijst verkiesbaar stellen omdat het programma van die partij hem wel wat lijkt. Maar ook die zal het mogen komen uitleggen, geloof ik.

zaterdag 23 april 2016

Kris en Annemie


     Minister Kris Peeters (CD&V) beweerde vorige week in de krant dat iedereen in ons land ‘boven zijn stand leeft’. De Antwerpse lerares Annemie Verbeiren (SP.A.) was het daar niet mee eens en schreef een felle open brief die meer dan dertigduizend keer op Facebook werd gedeeld. Wie heeft gelijk?  We hebben hier te maken met iets wat de laatste tijd vaker voorkomt in de wereld van het politieke debat: een semantisch misverstand. Wat betekent: ‘boven je stand leven’? 
     Kris bekijkt de zaken staatkundig. De begroting moet kloppen. De regering geeft al jaren meer uit dan er binnenkomt en dat kan zo niet verder. Werkloosheidsuitkeringen moeten worden beperkt in de tijd, pensioenkosten moeten omlaag door latere pensionering, en loonkosten moeten omlaag zodat bedrijven meer kunnen investeren of hun producten goedkoper kunnen verkopen. Dat zegt Kris allemaal niet zo duidelijk, want hij is tenslotte een CD&V’er, maar daar komt het, geloof ik, op neer. Het enige waar Kris wel duidelijk over is, zijn nieuwe belastingen voor gefortuneerden, een zogenaamde dual income tax. Zei ik al dat Kris een CD&V'er is? 
     Annemie, van haar kant, bekijkt de zaken huishoudkundig. Veel gezinnen hebben kleine inkomens en met een klein inkomen rondkomen is niet prettig. Ze legt uit hoe zij het doet. Ze drinkt koffie van Aldi, ze houdt haar kleingeld goed bij, ze slaat in de supermarkt geen grote voorraden in, ze gaat niet uit eten. Eigenlijk is haar hele levensstijl door besparingen op de schop gegaan. Ze leest Humo niet meer (ik evenmin), ze zegde haar vaste telefoonlijn op, ze koopt maar heel af en toe nog een belegd broodje, en voor buitenlandse reizen neemt ze alleen Ryanair. Dat zijn eigenlijk allemaal heel verstandige regelingen van Annemie en, hoewel ik goed rond kom, doe ik sommige  dingen precies zoals zij.
     Je vraagt je af of het verschil tussen het staatkundige probleem van Kris en het huishoudkundige probleem van Annemie wel zo groot is. In zekere zin verkeert een regeringspartij in dezelfde toestand als Annemie. Ook voor een regeringspartij is besparen niet prettig. Die partij moet schikkingen treffen die haar eigen kiezers niet fijn vinden. Die kiezers bestaan immers uit werknemers, gepensioneerden en werklozen die op een of andere manier minder gaan krijgen door de besparingen. Een regeringspartij die de besparingen dan toch durft op te nemen - na veel talmen en teuten want het gaat nog altijd om de CD&V - zo’n partij verdient misschien wel dezelfde lof als Annemie verdient voor haar zuinig uitgavenbeleid.
*
     Annemies brief ontleent zijn emotionele kracht aan twee eigenschappen: de menselijke benadering en de persoonlijke getuigenis. Met die twee eigenschappen is iets aan de hand.
     Annemie spreekt haar woede en verontwaardiging uit als mens, zo lijkt het, en niet als politieke militante. Maar gevoelens worden, vrees ik, niet rechtstreeks door een bepaalde toestand veroorzaakt, maar door een opvatting over die toestand, in casu, een politieke opvatting (2). Toen ikzelf links militant was, kon ik intens verdriet voelen omdat een werkstaking ten einde liep. Zo’n verdriet was geen gewoon menselijk verdriet, zoals we ervaren bij het verlies van een dierbare. Het bestond alleen in samenhang met een politieke opvatting. De wenselijkheid van veel en lange werkstakingen was een onderdeel van die opvatting.
     Als SP.A.-militante heeft Annemie natuurlijk ook allerlei opvattingen over hoe de zaken des lands moeten worden aangepakt. Wanneer die zaken dan anders worden aangepakt, is ze woedend en verontwaardigd - dat is menselijk, ik ben ook zo iemand. Maar die woede en verontwaardiging van mij of van Annemie, zijn, ten minste gedeeltelijk, politiek. En dat moet duidelijk zijn. Ik begrijp dat Annemie het niet nodig vond om haar politieke achtergrond te vermelden in een brief die ze op haar eigen Facebookpagina plaatste. Die pagina is duidelijk genoeg. Die brief werd daarna echter duizenden keren gedeeld zonder context en dàt heeft voor verwarring gezorgd. Dat is niet de schuld van Annemie. Maar dat bijvoorbeeld de vrt over Annemie en haar brief berichtte zonder haar politieke achtergrond te vermelden, dat is dan weer onbegrijpelijk. Wat een gemiste kans tot duiding!
     Ook met de persoonlijke getuigenis is iets aan de hand. Annemie heeft een moeilijk bestaan. Ze verdient niet slecht - 1900 euro in de maand las ik ergens - maar ze kwam na een scheiding alleen te staan. Haar man betaalde geen alimentatie en liet haar een ferme schuldenberg na (3). Maar Annemie spreekt niet alleen in eigen naam. Ze spreekt ook in naam van al die gezinnen die het nog veel slechter hebben dan haar, gezinnen die wonen in ‘een huurappartement met de schimmel op de muren’. En ook hier is niet altijd duidelijk wanneer Annemie haar eigen omstandigheden aanhaalt, en wanneer die van nog minder fortuinlijke gezinnen. Ook dat vind ik wat dubbelzinnig. Mijn Facebookvriend Mark De Mey drukte zijn gevoelen bij de brief zo uit: ‘Mensen als Annemie bestaan, alleen is het niet Annemie’.
*
    Achteraf stootte ik op een ander stuk van Annemie waarin ze haar steun betuigt aan Movement X van Abou Jahjah en haar afkeer uitspreekt voor ‘arm, zielig Vlaanderen’. Dat stuk vind ik heel wat minder sympathiek. Het heeft een hoog Lukas 18:9-gehalte. ‘O God! ik dank U dat ik niet ben gelijk de andere mensen.’

________________________________

(1) Misschien zijn bij die kiezers ook een aantal ‘gefortuneerden’ die naar verluidt niet lijden onder de besparingen, maar ik heb gehoord dat die gefortuneerden niet meer dan 1 % uitmaken, en met 1 % kom je niet ver in de politiek. 

(2) Epictetus schreef al: ‘Ταράσσει τους ανθρώπους ου τα πράγματα, αλλά τα περί των πραγμάτων δόγματα.’ De mensen worden beroerd, niet door de dingen, maar door de opvattingen over de dingen.

(3) Ook hier is een gelijkenis tussen staatkunde en huishoudkunde. Erfde de huidige regering geen schuldenberg van rond de 400 miljard euro? Die schuldenberg is haast zeker groter dan degene die Annemie erfde van haar ex-man.