Posts tonen met het label Etienne Vermeersch. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Etienne Vermeersch. Alle posts tonen

donderdag 30 augustus 2018

Cultuurracisme en westerse waarden

     In de krant lees je soms iets over racisme. Het is dan niet altijd helemaal duidelijk wat daarmee bedoeld wordt. Het woord is nogal ruim, zoals ook andere woorden dat zijn, zoals  ‘milieu’, ‘zorg’, ‘samenhang’, ‘preventie’ en ‘levenskwaliteit’. In de taalkunde noemt men dat verschijnsel ‘polysemie’.
     Ik heb daar geen moeite mee. Iedereen mag van mij het woord gebruiken in de betekenis die hij verkiest.* Ik heb nooit gehoord dat er op het woord een patent bestond, en mocht dat toch zo zijn, dan is het ondertussen allang verstreken.
     Je moet evenwel niet overdrijven. Walter Zinzen gebruikte het woord laatst in de betekenis van ‘discriminatie’. Dan wordt het verwarrend. Dan heb je racisme tegen vrouwen, racisme tegen mindervaliden, racisme tegen bejaarden, racisme tegen homoseksuelen en racisme tegen transgenders. Zinzen gaf als voorbeeld van religieus racisme het gedrag van IS tegenover de Jezidi’s, evenals onze godsdienstoorlogen en de Spaanse inquisitie.
     Een vergelijkbare ruime invulling van het begrip vind je bij diegenen die twee soorten racisten onderscheiden: de biologische racisten en de culturele racisten of cultuurracisten.* De eersten zouden geloven in de superioriteit van een bepaald ras, de anderen zouden geloven in de superioriteit van een bepaalde cultuur.
     Die superioriteit van een bepaald ras vind ik onzin. Het is natuurlijk best mogelijk dat Oost-Aziaten gemiddeld wat beter kunnen hoofdrekenen dan blanken, en dat zwarten gemiddeld wat beter kunnen voetballen, maar wat heb ik daarmee te maken? Ik ben er zeker van dat als ik lang zoek wel een Aziaat vind die nog slechter hoofdrekenen kan dan ik, en als ik heel erg lang zoek vind ik misschien ook wel een zwarte die slechter voetbalt. Mocht iemand bewijzen dat blanke Europeanen gemiddeld de beste aanleg hebben voor ruimtemeetkunde, dan verandert dat niets aan mijn bedroevende aanleg voor die discipline. Ik heb er niets aan dat de buren in mijn straatje daar wel goed in zijn. Het enige wat ik kan doen om mijn ruimtemeetkundig inzicht te verbeteren is om veel oefeningen te maken.
     De superioriteit van een bepaalde cultuur daarentegen vind ik geen onzin, als is het ook weer geen evidentie. Misschien wás de Griekse cultuur wel superieur aan de Perzische of aan de Romeinse. Zelfs Cato studeerde in zijn oude dag nog Griekse letterkunde. Maar het is zoals met boeken, schilderijen, muziekstukken, godsdienstige dogma’s en filosofische stelstels. Wellicht is het ene superieur aan het andere, maar bewijs het maar eens. Je kunt geloof ik niet eens bewijzen dat de muziek van Bach superieur is aan die van Bobbejaan Schoepen. En zelfs als een culturele gemeenschap een of andere waarde in het uitstalraam heeft waarvan wij hier onder elkaar overeenkomen dat ze superieur is, dan zijn we er nog niet. We weten dan nog niet of álle leden van de gemeenschap die waarde belijden. Niet of de beleden waarde ook metterdaad beoefend wordt. Niet of ze misschien overschaduwd wordt door even grote of nog grotere gebreken. Niet of ze in andere culturele gemeenschappen wellicht met nog meer vuur wordt aangehangen.
     Maar een culturele gemeenschap kán dus, in principe, een aantal waarden ontwikkeld hebben die door veel van haar leden gedeeld worden. En die waarden kúnnen dus, in principe, superieur zijn. Als je zo’n waarde aantreft, dan moet je ze koesteren, ze beschermen, ze verdedigen en er de nadelen van verdragen. Je moet beseffen dat ze geen verworven recht is, noch een kwestie van aanleg en genen. Ze is mensenwerk, en kan door mensen weer worden vernietigd.
      Neem de zogenaamde westerse waarden. Misschien heeft Europa daar een lijst van, of hebben Theo Francken en Etienne Vermeersch daar een brochure over geschreven. Ik weet het niet. Toen Karel van het Reve ze moest samenvatten noemde hij vrijheid, democratie en rechtsstaat. Steven Pinker noemt rede, wetenschap en humanisme. Ik stel voor dat we de waarden van Reve en van Pinker bij elkaar optellen, een bewerking waar de auteurs niet veel bezwaar tegen zullen hebben - vooral Reve niet, want die is dood. Dan hebben we al zes van die waarden. Is het nu cultuurracisme om die waarden superieur te noemen aan hun tegendeel: dictatuur, theocratie, godsdienstige rechtsspraak, dogmatisme en onderschikking van redelijke argumentatie aan de openbaring van één boek? Of is het alleen racisme als erop gewezen wordt dat dat tegendeel vandaag vooral leeft binnen de culturen die zich tot de Islam bekennen?


* Bijvoorbeeld om volgende activiteiten te benoemen: aansporen tot genocide, uitvoeren van genocide, roepen van ‘kutmarokkaan’ en ‘bleekscheet’ in een burenruzie, oerwoudkreten slaken in een voetbalstadion, denigrerende grapjes maken, je verzetten tegen een gemengd huwelijk van zoon of dochter, het woord ‘blanke’ en ‘neger’ gebruiken,  je ongemakkelijk voelen onder mensen die er anders uitzien, veronderstellen dat zwarten beter kunnen dansen en minder goed kunnen fietsen, het begrip politieke vluchteling strikt definiëren, weigeren om je te excuseren voor de trans-Atlantische slavenhandel …

** Aanhangers van het cultuurracismebegrip zijn onder andere: Bleri Lleshi, Walter Zinzen, Martijn de Koning en Anya Topolski. Voor de De Koning moet ik de lezer waarschuwen: dat is volgens de inleiding op het stuk niet alleen een antropoloog maar ook een autoriteit. Je merkt het aan zijn proza. Maarten Boudry en Thomas Rotthier willen van de term niet weten en formuleren hun bezwaren helder en naar mijn smaak overtuigend.




dinsdag 2 augustus 2016

Bart De Wever over Xenofon

In De Morgen van 30 juli vertelt Bart De Wever een spannend verhaal van 400 jaar voor Christus (hier).  Een leger van tienduizend Griekse soldaten zit ingesloten, diep in het Perzische rijk, honderden dagreizen verwijderd van thuis. Hun veldheren worden tijdens onderhandelingen vermoord. De soldaten weten amper waar ze zich bevinden. Vijanden zijn alom. Is de situatie dan hopeloos? Dan ken je die oude Grieken nog niet. Zo’n oude Griek, dat was geen lulletje rozenwater. Je kon er bij wijze van spreken mee naar de oorlog. De soldaten blijven dus niet bij de pakken zitten, ze roepen een vergadering bij elkaar, kiezen een paar nieuwe veldheren, en vechten en plunderen zich een weg naar de Zwarte Zee. Onder die nieuw verkozen veldheren was een zekere Xenofon, die een meeslepend verslag schreef van die avontuurlijke tocht.
     Als je dat verslag leest, krijg je een levendig beeld van het Griekse leger. Een stelletje ongeregeld, huurlingen, slaven, vrouwen, schandknapen. Vóór alles willen ze op tijd en stond te eten krijgen. Verder hebben ze over alles een mening en hebben ze op alles kritiek. Ze vergaderen graag, maken ruzie, konkelen achter elkaars rug, doen mooie beloftes. Ze kiezen zelf hun veldheren en zetten ze daarna weer aan de kant. De Wever omschrijft de bende als een ‘marcherende democratie’ en dat is nog niet zo slecht samengevat. Hij ziet in tocht van de onsterfelijke tienduizend een heel vage schijn van wat later de Europese democratie wordt. (1)
     Ik dacht – dat komt nooit goed. Hier moet één van onze Vlaamse intellectuelen toch iets tegen in te brengen hebben. Wat precies, dat wist ik niet, maar dat zou die intellectueel ons wel vertellen. Ik heb niet lang moeten wachten. De dag na het stuk van De Wever verscheen een antwoord van oudheidkundige Koert Debeuf  (hier) (2).
     Het eerste zinnetje van de oudheidkundige begreep ik al niet goed. ‘Ik verslikte mij in mijn koffie,’ schrijft hij. Weet de goede professor dan nog altijd niet hoe gevaarlijk het is om gelijktijdig een kopje koffie te drinken en een stuk van De Wever te lezen? Hopelijk heeft hij nu zijn lesje geleerd. Maar voor de rest vertelt Debeuf erg interessante dingen over de oudheid: dat Xenophon geen democraat was, en dat hij een biografie schreef over de Perzische koning Cyrus, dat die Cyrus de godsdienstvrijheid in zijn land invoerde, dat de oude Grieken heel wat geleerd hebben van de Perzen, dat de Perzen ook heel wat geleerd hebben van de Grieken. Ik denk dat dat allemaal heel erg waar is, want zo leerden we het ook op school. Alleen, De Wever had nooit het tegendeel beweerd. Om het met de woorden van mijn Facebookvriend Michel Berger te zeggen: ‘BDW heeft nergens de lof gezongen van Xenofon, maar van het Griekse systeem dat flexibel met een crisis omsprong en nieuwe leiders koos toen de oude geliquideerd werden. En zo overleefde. De hele argumentatie is bijgevolg naast de kwestie.’
     Trouwens, als De Wever de lof van Xenofon niet gezongen heeft, wil ik het wel in zijn plaats doen. Die Xenofon was een kranige kerel! Ziedaar, ik heb het gezegd! Hij was van het goede hout gesneden! Hij was een generaal die geloofde in leidinggeven door voorbeeld! Wie ooit zijn tent heeft opgeslagen op de ijsvlakten van Elsenborn, of in het Schotse laagland bij zware regenval, die zal het volgende verhaal naar waarde schatten. Het speelt zich af in Armenië, tijdens de barre winter van 401. –  Xenofon, zoals Caesar, spreekt over zichzelf in de derde persoon.
     ‘Tijdens de nacht was  er een groot pak sneeuw gevallen, dat de wapens, de lastdieren en de op de grond liggende mannen bedekte. ’s Ochtends hadden de soldaten dan ook helemaal geen zin om op te staan, want de sneeuwlaag hield hen lekker warm. Maar Xenofon vermande zich en stond in zijn blootje op (gymnos anastas) om hout te hakken. Toen kwam er algauw een ander overeind om hem dat werk uit handen te nemen. Toen volgden er meer. Ze staken een vuur aan (pyr ekaion) en wreven zich in met zalf, die ze daar in grote hoeveelheid hadden gevonden. Ze was vervaardigd van zwijnenvet, sesam (sèsaminon), bittere amandelen (amygdalinon) en terpentijn (terminthinon).’
     Zo, nu konden ze er weer tegenaan. Maar eerst een stukje eten natuurlijk.

______

(1) De Wever zijn stuk past in het nva-pleidooi voor een krachtiger optreden tegen moslimextremisme. Ernstige bedenkingen daarbij zijn geformuleerd door onder andere Rik Torfs (hier), Etienne Vermeersch (hier), Walter Pauli (hier) en Lode Cosaer (hier). Bryce De Ruyver en Mark Elchardus dragen argumenten aan vóór dat ‘gewapend bestuur’ (hier).
 
(2) De dag na Debeuf reageerde ook politicoloog Jonathan Holslag (hier). Holslag sleurt er allerlei zaken bij die naar mijn smaak weinig met het onderwerp te maken hebben: de Pokémonrage, halalvlees, zijn doctoraat, de robotisering, de goedkope import uit Azië, het glazen plafond op de arbeidsmarkt, de druk op het gezinsleven en John F. Kennedy. Ik denk dat de politicoloog wat opgenaaid was die dag.

woensdag 28 oktober 2015

Neo

In wijzerzin: vier die zichzelf om de dooie dood
nooit neoliberaal genoemd zouden hebben:
Friedrich Hayek (Burkean Whig), Milton Friedman
(small capital libertarian), Margaret Thatcher (Tory),
Ronald Reagan (American).
    Dit seizoen telt ons voetbal twee neo-eersteklassers: Sint-Truiden, dat kampioen werd in tweede klasse, en na een spannende eindronde, ook OHL. Bij die laatste club is Jan getest en goedgekeurd om bij de beloften te spelen, maar zés trainingen per week én een match leek ons wat te veel voor een toekomstige eerstejaarsstudent.
     Dat voorvoegsel ‘neo’ van daarnet in ‘neo-eersteklassers’ kom je vaak tegen in de filosofie en in de kunst: neoplatonisme, neothomisme, neopositivisme, neoromantiek, neoclassicisme … Dat is allemaal in orde, als je daar van houdt, behalve dat laatste, want classicisme betekent eigenlijk al neoklassiek, en met neo-neoklassiek krijg je wel erg slappe thee.
     In de politiek ligt het moeilijker. Daar heb je neonazi’s en neofascisten en die deugen niet, maar de oude nazi’s en fascisten deugden ook al niet; dat ‘neo’ verandert daar niets aan. Neomarxisten hoeven zich dan weer voor niets te schamen en neoconservatieven al evenmin. Ik heb ooit een bundel essays van Irving Kristol gelezen en die bundel heette ‘Neoconservatism’. Kristol was daar helemaal niet beschaamd over.
    Met het woord neoliberaal is dat anders. Onlangs vertelde Etienne Vermeersch op tv dat de NVA weliswaar ‘liberaal’ was, maar niet ‘neoliberaal’. Zó extreem was de Alliantie echt niet, vond de professor, en met Bart De Wever was het leuk praten op Reyers Laat.
     Er zijn, bedenk ik nu, helemaal geen Vlaams-nationalisten, maar ook heel weinig liberalen, hoe radicaal ook, die zichzelf ‘neo-liberaal’ noemen. Het woord wordt eigenlijk alleen door tegenstanders gebruikt. Het voorvoegsel ‘neo’ zorgt hier onmiskenbaar voor een negatieve bijklank. En dat is niet eerlijk, vind ik, want bij alle andere woorden is ‘neo’ onpartijdig en betekent het alleen ‘een nieuwe versie van’.


     Naschrift op 9 maart 2017. Vandaag lees ik op Wikipedia dat  ‘neoliberalisme’ oorspronkelijk ook de neutrale betekenis had van ‘nieuwe en afgezwakte versie van het klassieke liberalisme’.
   

Oorspronkelijk geplaatst op 27 mei 2015

vrijdag 16 oktober 2015

Naar welke muziek luistert Vermeersch in de hemel?

    De hoofdartikelenschrijver van Het Nieuwsblad (24 april 2015) vindt het jammer dat aartsbisschop Leonard niet tien jaar jonger is. Dat vindt Léonard wellicht zelf ook, maar de hoofdartikelenschrijver heeft een speciale reden om hem die jeugdige leeftijd toe te wensen. Léonard is zopas veroordeeld tot een boete van tienduizend euro omdat hij een pedofiele priester in 1991 niet had aangegeven bij het gerecht. Als Léonard nu 65 was, had de paus hem als aartsbisschop kunnen ontslaan vanwege die veroordeling, terwijl Léonard nu, op zijn 75ste, gewoon met pensioen gaat. Een oneervol ontslag van de aartsbisschop had de pedofilie binnen de Roomse kerk een gevoelige slag toegebracht, denkt men op Het Nieuwsblad.
    Er moeten anders nogal wat pedofielen en zedendelinquenten rondgelopen hebben in de kerk. Bij iemand als Van Gheluwe denk je achteraf: dat had ik moeten weten. Het viel een beetje van zijn gezicht te lezen. Maar neem nu François Houtart: professor, kanunnik, bevrijdingstheoloog, ondertekenaar van elke petitie voor een betere wereld, kampioen van de arme landen, bestrijder van kapitalisme en imperialisme – ook hij bleek achteraf een neefjesverkrachter. Houtart werd op een bepaald moment zelfs genoemd als kandidaat voor de Vredesnobelprijs.
    Wie ik weer niet van pedofilie verdenk, is Léonard zelf. Daarvoor doet hij me teveel denken aan mijn grootvader zaliger, vooral als hij lacht. Enige tijd geleden was er een tv-programma waarin hij de degens kruiste met Etienne Vermeersch. De twee oude heren verschilden van mening over het hiernamaals. Dat bestond niet, volgens Vermeersch. Léonard dacht daar anders over. Vermeersch zou na zijn dood grote ogen opzetten. Hijzelf, Léonard, verwachtte eigenlijk een beetje om in de hemel te komen, dus die verrassing zou minder zijn, maar voor Vermeersch zou de verrassing aanzienlijk zijn. Léonard had zelfs al aan een plaatsverdeling gedacht. Vermeersch helemaal bovenaan, dicht bij God, waar de serafijnen de muziek van Bach spelen en hijzelf, helemaal onderaan, op een klapstoeltje, waar de lagere engelen tijdens de pauze stukjes Mozart spelen. Léonard is een Mozartmens, zoals mijn grootvader dat was.


  Oorspronkelijk geplaatst op 24 april 2015