zaterdag 4 december 2021

Het analfabetisme van woke en 5 andere ismen



 Analfabetisme. Een fanatieke ideologie kan ertoe leiden dat adepten zich slechts op één soort geschriften storten en cultureel onderontwikkeld blijven. Het zijn dan mensen ‘unius libri’, mensen van één boek. Toen ik Amadees en later PVDA’er was, heb ik meer dan twintig jaar bijna alleen partijgeschriften en marxistische klassiekers gelezen. Toen Richard Rorty nog trotskist was, schaamde hij zich voor zijn liefde voor Proust. En natuurlijk trekt een fanatieke ideologie gemakkelijk een aantal intellectuele lichtgewichten aan. Ik las ooit een stukje van een woker die beweerde dat het woord ‘neger’ was afgeleid van het werkwoord ‘négeren’ – treiteren dus. Een ‘neger’ was iemand die getreiterd moest worden. Rachida Aziz vindt dat het woord ‘blank’ moet worden vervangen door het woord ‘wit’ omdat het woord ‘blank’ (1) ontleend is aan het Frans, (2) zijn oorsprong heeft in de trans-Atlantische slavenhandel, en (3) positieve connotaties heeft zoals die van ‘onbevlekt’. Jean-Pierre Rondas antwoordde snedig op Doorbraak dat ‘blank’ (1) niet uit het Frans maar uit het Germaans komt, (2) veel ouder is dan de trans-Atlantische slavenhandel en (3) minder positieve connotaties heeft dan het woord ‘wit’.

Ideologisme. Dit woord is, geloof ik, wél ontleend aan het Frans, maar het komt voor in het Nederlandse scrabblewoordenboek. Wokers lijken zich meer zorgen te maken over de racistische mentaliteit dan over racistische daden, meer over de kolonialistische ideologie dan over de kolonialistische handelspraktijk, meer over de ‘witte’ wereldbeschouwing dan over concreet onrecht door bepaalde witmensen begaan. Die nadruk op de ‘wereldbeschouwing’ vind je ook terug bij het nazisme, het stalinisme en vooral het maoïsme. Bij de stichting van de PVDA vond een discussie plaats over de eerste plicht van de communist. Voor sommigen moest dat zijn ‘werken aan de omvorming van de eigen wereldopvatting’. Anderen vonden dat ‘leiding geven aan de klassenstrijd’ eerst moest komen. Uiteindelijk heeft het gezond verstand – en de klassenstrijd – het gehaald.

Collectivisme. De woke-mensen hebben gemerkt dat racisten de mensen van kleur, of van een bepaalde kleur, als één groep beschouwen. Iedereen in die groep is dus het mikpunt van hun racistische haat, minachting of vrees. Daaruit trekken ze twee verkeerde conclusies: dat de gekleurde groep als groep slachtoffer is van dat racisme en dat de ‘witte’ groep als groep verantwoordelijk is voor dat racisme. Het zijn individuen uit de ene groep – desnoods àlle individuen uit die ene groep – die slachtoffer zijn. En wie rond zich kijkt ziet dat die individuen in elk geval niet allemaal in gelijke mate slachtoffer zijn. En bij de andere groep is het net zo. Het zijn ook individuen uit de groep – en hoogstwaarschijnlijk niet àlle individuen – die verantwoordelijk zijn voor, medeplichtig zijn aan, of profiteren van het racisme. Het enige voordeel dat de ‘witte’ groep collectief geniet is dat ze niet het mikpunt is van racistische haat van witte racisten. En dan nog. Een échte racist koestert juist een diepe haat voor ‘nigger lovers’.

`Woordfetisjisme. Het bijgelovige belang dat wordt gehecht aan woorden. Woordgebruik kan zeker een symptoom zijn van racisme of een middel om racistische praktijken in stand te houden. Maar een woord mag nooit, als fetisj, de plaats van de zaak innemen. Racisme dat alléén – echt alléén – uit woorden bestaat, is geen racisme*. Er zijn natuurlijk denigrerende woorden die als scheldwoord ontstaan zijn, maar dat is lang niet altijd het geval. Als het woord ‘nigger’ en zelfs ‘negro’ een pejoratieve klank heeft gekregen, is dat omdat het gebruikt werd in een tijdperk waarin mensen van kleur als minderwaardig werden behandeld. Zo wérd het woord geleidelijk een scheldwoord, of althans als dusdanig ervaren. Als men die woorden wil afschaffen, is dat voor mij geen probleem. Maar ik herinner mij dat Lenny Bruce het anders wou aanpakken**.

`Narcisme. Robin DiAngelo heeft zich gespecialiseerd in therapeutische sessies waarin witte wokers zich bewust moeten worden van hun diepgeworteld racisme dat ze zelf niet hadden gemerkt. Het is, zegt ze, een pijnlijk proces. Dat is waar. In Amada en later de PVDA hadden we vergaderingen van ‘kritiek en zelfkritiek’ en dat was – hoe noemt men dat nu? – geen ‘walk in the park’. Dan had je een hele zelfkritiek gemaakt, en kreeg je te horen dat je zelfkritiek ‘vals’ was, en alleen de bedoeling had je échte fouten te camoufleren. Voor wokers van kleur vertaalt dat narcisme zich weer anders. Die houden zich onder andere serieus bezig met de vraag of ze de witte wokers moeten bijstaan in hun therapie. Ik geloof dat ze er ondertussen uit zijn: het is niet de taak van de slachtoffers, zeggen ze trots, om de daders te helpen met zichzelf in het reine te komen. Zelf vind ik dat een onzinnige conclusie. Als witmensen het leven van mensen van kleur tot een hel maken, dan hebben die laatsten er alle voordeel bij om te helpen bij de mentaliteitsverandering van de eersten. Ze moeten niet denken aan hun trots, maar aan oplossingen!

Proselytisme Je kunt je therapiesessies natuurlijk niet beperken tot degenen die daar vrijwillig aan willen deelnemen. Dries Douibi, artistiek co-directeur van het ‘Kunstenfestivaldesarts’ verwoordde op 8 juni jongstleden treffend hoe een en ander moet worden aangepakt in de cultuursector: er moet worden bewustgemaakt! ‘Voor ons is het noodzakelijk, zei hij, om zoveel mogelijk bewustzijn te creëren binnen de organisatie.’ Dat is prima, maar er rijst een probleem. Dries heeft het gezien: ‘Die strategie roept ook weerstand op, vooral bij diegenen die reeds langer voor de organisatie werken. En het blijkt erg moeilijk om bepaalde denkbeelden te ontkrachten.’ Ja daar zeg je wat. Dan kom je uiteindelijk uit op de vraag: ‘Wat als die personeelsleden er een andere (politieke) visie op blijven nahouden?’ Dries wil ‘nederig’ blijven en geeft geen antwoord op zijn eigen vraag. Wat doe je als therapie en bekeringsijver niet werkt? In de psychiatrie heb je medicatie en hospitalisatie. En in de politieke sfeer heb je boycot, ‘Berufsverbot’ en ten slotte het maoïstische heropvoedingskamp. Dat reduceert gevoelig het aantal mensen dat er ‘een andere (politieke) visie op blijft nahouden’.

 

* Uit het boekje van Weyns (Wie wat woke) heb ik geleerd dat wokers zich hier beroepen op wat de linguïstiek ons leert over performatieve taalhandelingen. Ze hebben daarmee een goed argument in handen. Maar zouden ze een voorbeeld kunnen geven van racisme of discriminatie dat alléén uit taalhandelingen bestaat, zonder dat daar andere handelingen mee in verband staan?

 

** Voor de Lenny Bruce-monoloog over ‘nigger’: zie hier.


*** Grotere delen van de toespraak van Dries vind je op de Facebookpagina van Geraard Goossens (8 september 2021).

Geen opmerkingen:

Een reactie posten