vrijdag 3 april 2026

Rechts in Nederland en N-VA: het verschil

     De partij van Geert Wilders in Nederland zal wel in grote lijnen uit dezelfde succesbron putten als Vlaams Belang bij ons, het Rassemblement National en Frankrijk, en meer van dergelijke partijen in Europa. Maar ik vraag mij soms af wat er aan de hand is met die andere rechtse partijen. Zijn die niet allemaal wat minder serieus dan N-VA bij ons? Wat moet ik bijvoorbeeld denken van Thierry Baudet? Dat is toch een geleerd man. Waarom verliest hij zich dan in marginale ideeën waarmee hij redelijke mensen uit zijn electoraat weg selecteert?
     Mijn eerste gedachte is dat die Nederlanders in het algemeen wat lichtzinniger zijn dan de serieuze Vlamingen. Misschien is dat wel altijd zo geweest. 
Toen Napoleon op zoek was naar bekwame bestuurders voor Nederland had hij naar het schijnt moeite om die te vinden. Bij één gelegenheid moet hij gezegd hebben: ‘Envoyez-moi quelqu’un de sérieux. Envoyez-moi Schimmelpenninck.’ Ze hadden er dan toch één.
     Maar op momenten dat ikzelf in een minder lichtzinnige bui ben, ga ik op zoek naar andere verklaringen voor de lichtheid van JA21, Thierry Baudet, en die Boeren-en-buitenlui-partij. 
Bijvoorbeeld: zou het kunnen dat die partijen vooral degelijke historische wortels missen? N-VA had die wortels wel, met name in de Vlaamse Beweging. Die wortels, met ideologie, tradities, partijkader, kernelectoraat en fonds de commerce, waren een ballast die partij bij de reële politiek hielden, weg van al te zweverige nieuwlichterijen. Als men een verkiezingsprogramma opstelde, moest men rekening houden met de plaatselijke visboer die al zijn hele leven bij elke verkiezing op de Volksunie-lijst stond.
     De hele kwestie  doet mij denken aan de PVDA, die in de beginjaren onder Ludo Martens wortels heeft moeten verzinnen die zijn partij konden verbinden met de communistische wereldbeweging van vorige generaties, en met de ballast van Que faire, Stalin en de buitenlandse politiek van China. Het was esoterische mythologie maar ze hield het kader bij elkaar en behoedde de partij voor avontuurlijke zijsporen. Een Thierry Baudet maakte er geen kans.

      Wat Martens presteerde was niet min want in tegenstelling tot de stamboekflaminganten van N-VA, moest hij van nul af aan beginnen.  Waar Bart De Wever bij het opstarten van N-VA kon beginnen met het zoetjesaan afbouwen van verouderde ballast en met het selecteren wat nog leefbaar was, moest Ludo Martens die verouderde ballast eerst bij elkaar harken. Zijn opvolgers konden dan later beginnen met een en ander op te ruimen. Misschien was hun huidige project niet zo succesvol als ze er vroeger aan begonnen waren en het radicaler hadden aangepakt.  

Geen opmerkingen:

Een reactie posten