Het ‘totaalliberalisme’
Volgens Roan Asselman (Doorbraak 23/6) gaan de klassieke liberale partijen achteruit omdat ze een ‘totaalliberalisme’ propageren.
Het valt op dat politieke partijen die álle typisch liberale ideeën in één tent verenigen, vandaag weinig succes boeken. Dat zijn er, grosso modo, drie: (1) een kleine overheid en laissez faire economie, (2) een emancipatorisch individualisme of ethisch progressivisme en (3) een engagement voor een op regels gebaseerde wereldorde, met een internationaal vrij verkeer van goederen, diensten én personen. In Europa zijn er vele partijen die met succes één of twee van die liberale ideeën uitdragen, maar niet alle drie … Het zijn de totaalliberalen die in 2026 bijna overal het onderspit delven.
Dan rijst de vraag: ben ikzelf een totaalliberaal? Om die vraag te beantwoorden heb ik de kenmerken van Asselman verder opgesplitst en aangevuld met de kwestie van de juristocratie en de vrije meningsuiting. Privacy en misdaadbestrijding laat ik buiten beschouwing. Mijn eigen positie geef ik aan met plus- en mintekens. Liberale standpunten zijn onder andere:
- Kleine overheid door verhoogde efficiëntie (+), minder bureaucratie (++), minder en vlakkere belastingen (++), inkrimping van collectieve dienstverlening (+) en hervorming van de sociale zekerheid (+)
- Laissez-faire economie (+++)
- Emancipatorisch individualisme (+)
- Ethisch progressivisme (-)
- Primaat van rechtspraak boven meerderheidsdemocratie (-)
- Absolute vrije meningsuiting (+++)
- Op regels gebaseerde wereldorde (+)
- Vrij verkeer van goederen en diensten (++ )
- Vrij verkeer van personen (--).
Dat de overheid efficiënter moet werken is amper een liberaal programmapunt te noemen, aangezien geen enkele partij voorstander is van een overheid die niet efficiënte werkt. Er is op dat gebied misschien veel dat nog verbeterd kan worden, maar er is ook veel dat al verbeterd is. Wat de omvorming van de sociale zekerheid betreft zie ik onder andere een universeel basisinkomen als een na te streven liberaal alternatief.
Liberalen, conservatieven en conservatief-liberalen beseffen dat een te vergaand individualisme en een te radicaal verzet tegen de traditie als gevolg hebben dat een samenleving gedestabiliseerd raakt en dat de individuen erin ongelukkig worden. Maar voor een liberaal mag de staat slechts een beperkte rol op zich nemen om gemeenschapszin en traditie te bevorderen, te temperen of te sturen. Uiteraard moet de staat zo weinig mogelijk verbodsbepalingen opleggen in de ethische en privé-sfeer, zolang één individu een ander individu geen ondubbelzinnige schade toebrengt.
De adjectieven van AI
Op mijn FB-feed verschijnen soms geschiedenislesjes van History After Dark. In tegenstelling tot die van Paul Cordy zijn ze geloof ik door AI geschreven te zijn. De stijlfiguur van de drievoudige opsomming schijnt tot de typische AI-stylistiek te behoren. Dat kan ik billijken, ik hou er ook van. Maar waar komt die stortvloed van bijwoorden en bijvoeglijke naamwoorden vandaan? In een stukje over Stalins dood:
The profound, tragic historical irony of the situation was entirely inescapable: the absolute best, most experienced medical specialists in the entire Soviet Union were currently sitting in freezing, dark prison cells, having been recently arrested and violently tortured under Stalin's own direct orders during the fabricated, anti-Semitic Doctors’ Plot. The inexperienced, young doctors who remained were completely terrified of administering the wrong medical treatment, deeply fearing they would be immediately, violently executed if the dictator somehow miraculously survived.
Aantrekkelijke koppen
Vaak zie ik in mijn mailbox aantrekkelijke koppen voorbijkomen uit de Groene Amsterdammer. Ik denk dan dat dat bijzonder interessante artikels moeten zijn die ik helaas niet kan lezen omdat ik geen abonnement heb. Hoe kan ik mijzelf troosten? Wel. Ik zie in mijn mailbox ook vaak aantrekkelijke koppen voorbijkomen uit Knack. Die kan ik wel lezen, maar de ontgoocheling is meestal groot. Onlangs nog een stuk van Walter Pauli: Defensie of sociale zekerheid? De Wever moet boven de loopgraven uitstijgen. Mooie kop, maar het stuk had niet veel om het lijf. Misschien is dat met de Groene Amsterdammer ook zo.
Combinatiedenken
Lieven Sioen (DS 25 juni) vindt dat we rond de hitte niet moeten ‘polariseren’ en geen ‘schijntegenstellingen moeten oppoken.’ Het is niet óf CO2-reductie óf adaptatie. Het niet niet óf bomen óf airco. Het is én-én. Daarop kwam een reactie van Patrick Loobuyck. Hij looft Sioen om zijn ‘combinatiedenken’. Ik erger mij aan die lof, en ik weet niet goed waarom.
Dat stuk van Sioen zit namelijk goed in elkaar. De argumenten zijn redelijk. Mijn ergernis betreft, geloof ik, het automatische applaus waar je op kan rekenen als je je eigen ‘en-en’ tegen andermans ‘of-of’ inzet. Er is een begrotingstekort. Wat is het beste: besparen in de uitgaven of nieuwe belastingen heffen? Dan volgt al snel het antwoord: én-én. Misschien is dat juist, maar het is niet automatisch juist.
In de allereerste les economie leer je over de schaarste der middelen. Dat is de reden dat we vaak naar óf-óf moeten grijpen.
Jezelf tegenspreken
In de logica mag je jezelf niet tegenspreken. Maar in de polemiek mag je een ánder niet te snel verwijten dat hij zich tegenspreekt. Je mag het doen, maar niet te snel. ‘De migranten pakken ons werk af’ en ‘de migranten profiteren van de werklozensteun.’ Die stellingen kunnen, als je er even over nadenkt, best allebei waar zijn. Je moet alleen aannemen dat er twee soorten migranten bestaan.
Of neem de rechtse bezwaren tegen links inzake de hittegolf. ‘Linkse watjes zeuren over enkele warme dagen’ en ‘linkse deugpronkers verketteren airco’. Ook die stellingen kunnen allebei waar zijn als er bijvoorbeeld twee soorten links bestaan. Verander je het perspectief, dan krijg je eenzelfde resultaat. ‘Rechts houdt wel van enkele tropische dagen’ en ‘rechts wil meer airco.’ Je kunt dan aannemen dat er twee soorten rechts bestaan.
En zelfs dat is niet noodzakelijk. Dezelfde rechtse rakker kan graag enkele uren naast het zwembad liggen om een boek te lezen, en daarna enkele uren verder lezen in een goed gekoelde kamer. Of dezelfde linkse rakker kan niet goed tegen de hitte maar hij wil zijn persoonlijk comfort opofferen om CO2 te reduceren.
Nee, je mag een ander niet te snel verwijten dat hij zichzelf tegenspreekt. Maar het is beter om het zelf niet te vaak te doen. Een tegenspraak kán op een genuanceerd onderscheid in het denken wijzen, maar het wijst vaker op een emotionele obsessie, tegen migranten, tegen links, tegen rechts, tegen CO2, enzovoort, waarbij alle argumenten in stelling worden gebracht.
Dit allemaal om uit te leggen dat ik gisteren bij mijn stukje over de hittegolf enige moeite heb moeten doen om op twee knopjes tegelijk te drukken.


🤣
BeantwoordenVerwijderenLoobuyck is enerzijds een heel slappe filosoof maar anderzijds een filosoof die voortdurend politiek correct probeert te zijn.
BeantwoordenVerwijderenEn-en dus.
Verwijderen