De sympathisanten
Maarten Boudry wordt soms gecontacteerd door mensen van de universiteit die met hem en met zijn boodschap sympathiseren. Maar ze durven dat niet openlijk zeggen. Althans, dat is het verhaal dat Boudry zelf vertelt. Zijn vijanden zijn woest – die zijn voortdurend woest. ‘Misschien is Boudry wel aan het liegen!’ ‘Als hij zijn beweringen niet kan staven, moet hij zwijgen!’ Ik vind die kritiek onredelijk.
Zelf denk ik geen ogenblik dat Boudry liegt. Wij hadden een directeur op school die onpopulaire beslissingen verdedigde door te zeggen dat collega’s hem in vertrouwen hadden gezegd dat ze de beslissing steunden. Ik heb toen geen ogenblik gedacht dat die directeur loog. Alleen dacht ik dat die collega’s waar hij van sprak een minderheid uitmaakten. Die academici die Boudry steunen zijn ongetwijfeld ook een minderheid, en misschien zelfs een kleine minderheid. Maar dat ze bestaan, en dat sommigen daarvan Boudry contacteren, hoe kan men dat betwijfelen?
Onredelijke verwijten
Ik heb hierboven de vijanden van Boudry een gebrek aan redelijkheid verweten. Daarmee bedoel ik niet dat zijn vijanden hem uitschelden, in plaats van redelijk te argumenteren. Je kunt van niemand eisen dat hij altijd redelijk argumenteert en nooit scheldt. Nee, ik bedoel iets anders, iets wat meer met proporties, plausibiliteit en fairness te maken heeft.
Ik vind het bijvoorbeeld ‘onredelijk’ om Boudry’s grap te duiden als een ‘leugen’ of als een onderdeel van een ‘enshitification-strategie’. Je kunt natuurlijk best veronderstellen dat het Boudry’s bedoeling was om te liegen, om verwarring te zaaien of om de reputatie van Knack te beschadigen, maar hoe plausibel is zo’n veronderstelling? En hoe waarschijnlijk is het dat men een soortgelijke veronderstelling zou maken als Boudry iemand van het eigen kamp was?
Ik las ergens het verwijt dat Boudry niet ‘inhoudelijk’ geantwoord had op het stuk van An Van Raemdonck. Maar is het fair om zoiets te vragen nadat Van Raemdonck schreef: ‘Op de aantijgingen van Boudry kan ik niet ingaan. De man is een fervente en kritiekloze supporter van een genocidaire apartheidspolitiek.’ Als zij niet ingaat op wat hij zegt, moet hij niet ingaan op wat zij zegt*. Anderzijds: hij mág er natuurlijk op ingaan.
Het antwoord van Roularta
Het voordeel van die onredelijkheid is dat je er soms mee kunt lachen. Nu heeft Roularta, het moederbedrijf van Knack, Boudry in gebreke gesteld om zijn ‘onjuiste, lasterlijke en reputatieschadelijke hoax binnen de 24 uur te verwijderen en recht te zetten.’ En men is daarbij zo goed om de tekst van de rechtzetting te dicteren:
In een eerder bericht over Knack heb ik onjuiste informatie verspreid. De daarin geformuleerde aantijgingen waren ongegrond en hadden niet gepubliceerd mogen worden. Ik trek het bericht volledig in, verontschuldig mij voor de verspreiding ervan en vraag iedereen die het bericht heeft gedeeld om het onmiddellijk te verwijderen.
Die ingebrekestelling is geloof ik het werk van de bedrijfsadvocaten. Dat kan ik billijken**. Die mensen doen hun werk. Zij moeten niet redelijk zijn. Zij moeten de wet kennen. Het is zelfs onredelijk van Boudry om hen aan te wrijven dat ze ‘geen gevoel voor satire’ hebben. Zulke advocaten moeten alleen gevoel voor satire voorwenden als ze een stuk van Brusselmans verdedigen, of van Koen Meulenaere toen hij nog voor Knack schreef. Maar als hun cliënt het doelwit wordt, is satire het laatste waar ze aan denken. Ze worden niet betaald om daarom te lachen, wat niet belet dat ik erom mag lachen.
Het antwoord van Knack
Maar ik heb luider gelachen om het volgende bericht van Knack:
Opiniemaker Maarten Boudry beweert vandaag op sociale media dat hij een ‘parodietekst’ heeft geschreven onder het pseudoniem ‘An Van Raemdonck’ en naar Knack heeft opgestuurd. Dat klopt niet. Knack heeft wel degelijk een opiniestuk van arabist en sociaal antropoloog An Van Raemdonck gepubliceerd. Dat stuk is gewoon van An Van Raemdonck zelf. Zij bevestigt dit per telefoon. Het gaat dus niet om een hoax, Knack is er niet ‘in getrapt’, zoals Maarten Boudry beweert.
Kan de lezer raden bij welke zin ik luid heb moeten lachen? Het is deze: ‘Zij bevestigt dit per telefoon.’ Je ziet zo hoe het gebeurd is. Die brave mensen van Knack lezen de hoax van Boudry en ze schieten in paniek. Het is toch niet waar, zeker? Beetgenomen door Boudry! Gelukkig houdt iemand het hoofd koel. ‘Wie zegt dat we die Boudry op zijn woord moeten geloven? Laten we Van Raemdonck opbellen. Heeft iemand haar telefoonnummer?’
Kijk, dat doet deugd. Dat ik niet de enige ben die erin gelopen was. Maar ik had gelukkig mijn vrouw die mij kon corrigeren. ‘Die An Van Raemdonck bestaat echt,’ zei ze, en toen wist ik hoe de vork in de steel zit. Knack heeft daarvoor Van Raemdonck op moeten bellen.
Mocht het trouwens ooit tot een proces tegen Boudry komen, dan wil ik de Roularta-mensen een extra bewijsstuk à charge aan de hand doen. Het is immers niet de eerste keer dat Boudry ‘zo laag valt.’ Laatst postte Boudry dit bericht op FB en x.com:
De groteske onzin die Maarten Soubry verspreidt, is werkelijk schandalig. Kennelijk afkomstig uit het achterlijke Roeselare. Geen idee aan welke universiteit hij doceert, maar onmiddellijk ontslag is de enige oplossing!
Het achterlijke Roeslare! Als dat geen reputatieschade berokkent aan het eerbare bedrijf gevestigd aan de Meiboomlaan 33, 8800 Roeselare!
** Ik had hier eerst een andere formulering gebruikt, tot ik besefte dat ‘ingaan’ in de Statenbijbel ‘geslachtsverkeer hebben’ betekent.
*** Een klacht van An Van Raemdonck wegens reputatieschade, zie ik niet goed mogelijk, maar misschien kan ze Boudry laten vervolgen voor schending van haar intellectuele eigendom.
Van Raemdonck de mond gesnoerd
Als aangevallen partij had An Van Raemdonck meer recht dan gelijk wie anders om aanstoot te nemen aan de grap van Maarten Boudry. Die was ook werkelijk tegen haar gericht. Uit haar antwoord op FB:
De reactie van Boudry op mijn stuk is illustratief: valse info verspreiden om verwarring te creëren over feiten en waarheid. Een grote speler in de mainstream pers aanvallen en verdacht maken als links onevenwichtige pers. Een ex-collega (want Boudry werkt niet langer aan UGent) aanvallen met pesterijen en hiermee proberen het zwijgen op te leggen.
Over het meeste wat in die alinea staat heb ik al een en ander geschreven. Hier viel ik vooral over de laatste woorden: dat Boudry met zijn grap geprobeerd had om Van Raemdonck ‘het zwijgen op te leggen.*’ Je ziet dat vaak: een polemische aanval – boven of onder de gordel – wordt omschreven als een poging om iemand te ‘intimideren’, ‘te muilkorven, ‘het zwijgen op te leggen,’ of ‘de mond te snoeren.’
Die beschuldigingen mogen niet te lichtvaardig gebruikt worden, anders verliezen zij hun waarde als waarschuwing. Het doet mij denken aan de fabel van Aesopus over de jongen die altijd ‘wolf’ riep. Op de duur geloof je hem niet meer ook als er werkelijk een wolf komt**. Ik lees soms in mijn krant dat Trump ‘de pers aan banden wil leggen.’ Dat kan best waar zijn. Maar hoe weet ik dat de journalist niet iemand is als Van Raemdonck die de beschuldiging te pas en te onpas gebruikt.
* Voor wie denkt dat dat een subjectieve reactie is van een verongelijkt slachtoffers: Van Raemdonck kan zich beroepen op een heuse academische discipline: de kritische theorie. ‘Helaas,’ schrijft ze, ‘ik weet te veel over kritische theorie, gender en racisme om hierover verbaasd te zijn. Ik weet hoe macht en intimidatie werken tegen vrouwen en minderheden.’ Mijn Amerikaanse neef reageert dan: Okay, she knooows.
** Aesopus was geen geleerde en schreef die fabel toen men nog dacht dat wolven gevaarlijke dieren waren. Ondertussen weten we dat een doorsnee wolf in normale omstandigheden, als hij alleen is en zich veilig voelt, geen volwassen mensen van normale gestalte aanvalt. Behalve als het een kwaaie is.
D’hanis’ vertrouwen in de MSM
Heb ik nu D’hanis op een tegenspraak betrapt? Op 9 juni schrijft hij:
Bovendien gooit Boudry nog een zak koren op de molen van extreemrechtse fake news-schreeuwers door te doen alsof Knack helemaal niet controleert wie hen stukken stuurt*. Het voorspelbare gevolg is dat zijn volgers de media volledig als begraven beschouwen. Dat gigantische wantrouwen tegenover het journalistieke proces is wat wij in het onderwijs met hand en tand bestrijden.
Wantrouwen zaaien tegenover ‘het journalistieke proces’ in het algemeen en tegenover Knack in het bijzonder, Knack, dat door Van Raemdonck respectvol een ‘grote speler in de mainstream pers’ wordt genoemd? Foei.
Maar wacht, heeft D’hanis niet heel onlangs nog Noam Chomskys Manufacturing Consent geciteerd? Ik zoek het op en jawel, hier, op 6 juni. En als er nu één boek is dat ‘gigantisch wantrouwen’ zaait tegenover het journalistieke proces, is het toch wel Manufacturing Consent zeker.
Als ik D’hanis nu een kwaad hart toedroeg, zou ik zeggen dat hij te dom is om die tegenspraak te zien, maar zo zit het niet in elkaar. Radicaal-links, links en linksliberaal (waar ik Knack bij reken) overlappen elkaar voldoende – denk aan Israël/Palestina – om een haat-liefde-verhouding tussen die drie toe te laten. Slechts wie een grote behoefte voelt aan logische consistentie zal zich in zo’n geval nooit op een tegenspraak over die materie laten betrappen. Je zult Chomsky of Susan Neiman nooit horen spreken over het vertrouwen dat we moeten hebben in ‘het journalistieke proces’ van zeg The New York Times.
Dat van twee walletjes eten past goed bij wat ik D’hanis zijn eclecticisme zou noemen. Als je hem vraagt hoe we de beschaving kunnen redden, is de kans groot dat hij antwoordt: ‘Karl Marx met een scheut Maynard Keynes.’ Nu ken ik Keynes heel slecht, en misschien heeft D’hanis zich in de General Theory verdiept, maar Marx en Keynes lijken mij toch héél verschillende remedies. Zei Murray Rothbard niet: ‘Je kunt veel slechts over Marx zeggen, maar hij was tenminste geen Keynsiaan.’ Nou ja, er bestonden ook marxo-keynsianen, zoals Joan Robinson, maar die laatste lijkt mij echt een héél ander type dan D’hanis*.
En de eigen remedies van D’hanis zijn geloof ik nóg anders: veel meer geld voor uitkeringen, veel meer geld voor sociale woningen, veel meer geld voor leraren, en ten slotte: veel meer geld voor sociale werkers zodat die alle frictie met zachtheid kunnen wegmasseren. Zijn oplossingen gelijken op die van de PVDA, maar dié lui zijn niét naïef over de realiseerbaarheid van hun in wezen tegenstrijdige eisenpakket**. Hun onrealistische eisen maken deel uit van een strategie: laten zien dat het kapitalisme niet werkt, en ondertussen acties stimuleren als generale repetitie voor een revolutionaire machtsovername. Maar voor wie politiek-links-zijn meer een vrijblijvende hobby is, zij het enigszins visceraal geïnspireerd, luistert het allemaal niet zo nauw.
Nu ik het allemaal op een rijtje zet, heb ik bijna een zelfportret: haat-liefde voor de mainstream journalistiek, naïviteit, politiek als vrijblijvende hobby, enige viscerale inspiratie, eclecticisme, geen grote behoefte aan logische consistentie … Ik scoor, schat ik, vijf op zes. Misschien vierenhalf.
* Tja, Knack hééft niet gecontroleerd wie het stuk gestuurd had. Ze hebben achteraf Van Raemdonck opgebeld om bevestiging te vragen. Maar dat was geen journalistieke fout. je kunt het een redactie niet kwalijk nemen dat ze niet controleert of een vrije tribune die per mail wordt opgestuurd wel degelijk van ondergetekende auteur is, vooral als die auteur vroeger al vrije tribunes geplaatst heeft.
** Over Joan Robinson: zie mijn stukje hier.
*** Tegenstrijdig omdat de eisen elkaar in de weg staan. Ze kunnen onmogelijk allemaal gerealiseerd worden, hoeveel miljonairstaks je ook heft. Zelfs niet als de PVDA bij de verkiezingen de absolute meerderheid behaalde en alleen een regering mocht vormen.

" daarentegen heb mij altijd aan dat optreden van Jezus geërgerd. Ik had er al een probleem mee als kind. Misschien lag in die ergernis mijn latere bekering tot het neoliberalisme al besloten."
BeantwoordenVerwijderenLees eens : " Los Enemigos del Comercio" van Antonio de Escohotado". Zo van het internet te plukken in eender welke taal. Over 4.000 jaar communistisch verzet tegen de vrije markt...
De Standaard: Een krant die vroeger collaboratie-belangen verdedigde is nu schaamteloos anti-Semitisch...
BeantwoordenVerwijderenKoppen in De Standaard: Ik vind die nog meevallen in vergelijking met andere kranten. Bovendien vindt men er weinig spelfouten in vergelijking met andere media. Daar wordt ik er soms niet goed van.
BeantwoordenVerwijderenamai 🤣
VerwijderenWeinig spelfouten ... ik ken hier iemand die heel blij zal zijn met dat complimentje
Verwijderen